Tante Pos rond 1960 (deel 4)

Het was bitter koud, er was een dik pak sneeuw gevallen en dat had zich als een witte ijskorst overal op vastgezet. De kant in het Vogelwijk waar ik de post moest bezorgen bestond uit ellenlange lanen met net zo lange tuintjes. Dus mezelf warmlopen op een zootje portieken zat er niet in voor mij. En hoewel ik normaal gesproken een geweldige hekel had aan traplopen waren die me nu welkom geweest.

Het was nog ver voor de tijd dat de afstand tussen hekje en voordeur niet meer dan tien meter mocht zijn. Dus er was nog nergens een brievenbus op een paaltje bij het hekje te bekennen al moest je twintig meter lopen naar de bij de voordeur aanwezige brievenbus.

Met m’n dooie vingers, waar reeds lang alle tastzin uit verdwenen was, morrelde ik aan onwillige tuinhekjes met roestige klinkjes, klemmende schuifjes en ingenieuze druk-op-de-knop constructies die nu vastgevroren zaten. Maar over de hekjes heen stappen was in deze omstandigheden een te groot risico. Je moest er niet aan denken wat er kon gebeuren als je net het ene been over het hekje tilt en het andere glijdt plotseling weg… Dan kun je je lachen wel inhouden!

Net op het punt gekomen dat ik me er over verwonderde dat er ooit een dag was geweest dat ik graag bij de PTT wilde gaan werken, was er dat dwingende tikje op het vensterglas. Een middelbare, doch gegoede dame; hoogblond gekapt, goudgerande bril en een zwart-fluwelen bandje met een dure camee om haar hals.

Terwijl ik pogingen ondernam om de post onbeschadigd in de veel te smalle, stenen muur-bus te wurmen, ging het raam van de erker op een kiertje. “Besteller, doet u het hekje ook weer dicht?” Terwijl ik juist blij was dat ik dat ding open had!

Even welden er bij mij een paar heel lelijke dingen naar boven, maar ik haalde diep adem en zei: “Dat ligt er aan hoeveel u betaalt mevrouw.”

Nu hapte de dame even naar adem. Het raam ging verder open dan eigenlijk verantwoord was en ze bitste: “Welk een onbeschaamdheid zeg! Waar haalt u de brutaliteit vandaan?!!”

Ik nam even de tijd om haar bij het raam fatsoenlijk te woord te staan en legde haar uit; “Nou mevrouw, het is vrij simpel. Als u meer betaalt dan de PTT sta ik hier morgen als portier. Een goede morgen verder!”

En terwijl ik door het open hekje de ijzige, witte wereld weer ingleed, was het hartverwarmend te horen dat het raam met een forse klap werd gesloten.

Toch was het een lief mens. Zij heeft geen boze brief naar de directie geschreven, nog niet eens een telefoontje gepleegd naar de Hoofdbesteller. Dat had op zeker héél nare gevolgen voor me kunnen hebben, maar ik heb er nooit meer iets van gehoord!

Guus van Charante
guus.vancharante@gmail.com

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann