Herinneringen aan het Planetarium

De eerste drieëntwintig jaar van mijn leven heb ik in Den Haag gewoond, de laatste tweeënzeventig niet meer. Maar ik ben in hart en nieren Hagenees gebleven en supporter van ADO. Mijn drieënnegentigjarige zus, die Den Haag trouw is gebleven, bewaart De Oud-Hagenaars voor me en speelt ze me nu en dan toe. Ik lees ze altijd met groot plezier en kom dan uit mijn woonplaats Utrecht terug in de Residentie, zoals die was in mijn jeugd.

Zo riep het interessante artikel van Ton van Rijswijk in het nummer van 10 juli over de reconstructie van het verbrande Planetarium van de Haagsche Courant mij terug naar het jaar 1939. Ik zat toen in de vijfde klas van de Zevende Gemeentelijke HBS aan de Raamstraat 28. Die kreeg later de naam Stevin-HBS, nadat ontdekt was dat Simon Stevin ooit in dat pand heeft gewoond. Het is nu een appartementencomplex.

Op het lesrooster stond één uur per week kosmografie, geen eindexamenvak, wel leuk. Onze leraar dr. P.M. Vader, voor ons Ome Pim, had het voor elkaar gekregen dat die les soms in het Planetarium werd gegeven en dat lag immers vlak om de hoek. Speciaal voor ons klasje van eenentwintig leerlingen werden dan met behulp van het ingenieuze projectieapparaat bepaalde onderwerpen behandeld. De herinnering daaraan is me altijd bijgebleven.

Langs de onderrand van de koepel waren in zwart de silhouetten van de omliggende gebouwen aangebracht en dat versterkte zeer de illusie dat je, als het dank zij het apparaat langzaam avond en nacht was geworden, midden in Den Haag in de openlucht naar de prachtige sterrenhemel zat te kijken. Wij waren altijd weer onder de indruk en zo was kosmografie een populair vak! Ik hoop van harte dat de reconstructie van het Planetarium zal lukken en dat nog veel mensen er in de toekomst van zullen mogen genieten.

Mijmerend over mijn klasje in 1939 dringt zich een andere herinnering op. Van onze eenentwintig leerlingen waren er zeven orthodox joods. Dat was niet verwonderlijk, want de synagoge in de Wagenstraat was vlak bij de school en in die buurt woonden vele joden.

Als mijn moeder op zondagen soms plotseling iets nodig had, moest ik het gaan halen in de ‘Jodenbuurt’, waar de winkels open waren.

Onze joodse medeleerlingen woonden vanwege de sjabbatviering op zaterdagen de lessen niet bij en op vrijdagmiddagen moesten zij soms vroeger naar huis. Dat was het enige verschil met de anderen, voor het overige waren we goede vrienden: geen spoor van antisemitisme.

Ik denk aan Brammetje Poons, wiens vader een kraam had op de weekmarkt, aan de wat stille Abraham Cohen, aan Samuel Schupper, Iwan van der Sluys, David Wolff en Ruben Mörsel, die al jaren eerder met zijn familie uit Polen was gevlucht en die wij gekscherend Tube Kleursel noemden, en aan Judith de Haas, het enige meisje in onze klas.

Allemaal hebben ze dat jaar het eindexamen gehaald. We hebben dat met ons allen vrolijk gevierd, onbewust van wat hun noodlot zou worden…

Zo leidt het lezen van De Oud-Hagenaar tot het herbeleven van gebeurtenissen uit ons lange leven. Ik heb een abonnement genomen!

Arnold van Herk
arnoldvanherk@hetnet.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann