De kappersvakschool aan de Noordwal

De kappersvakschool aan de Noordwal bestaat al een aantal jaren niet meer. Althans het gebouw als school, want de opleiding als zodanig verhuisde naar het Mondriaan. Maar Yvonne van Dijk zette op de ‘ouwe’ Noordwal in 1979 de eerste stappen op weg naar een kapperscarrière.

Daar heeft ze niet zo lang over hoeven nadenken, want vanuit de wieg werd ze al met het vak geconfronteerd. “Mijn vader had een zaak in Poeldijk, mijn opa had ooit een kapperszaak in de van Ruijsdaelstraat vlak in de buurt van de firma Slotboom. Ik heb zelf van jongs af aan altijd kapster willen worden, werkte ook al vroeg in de zaak van mijn broer in de Stevinstraat tegenover het toenmalige postkantoor”, begint ze haar verhaal met veel enthousiasme.

Yvonne heeft al tien jaar een eigen salon in een zorghuis aan de Nieuwendamlaan (Woonzorgpark Swaenesteijn). “Een heel fijne omgeving om te werken en vooral de mensen waarvoor je moet werken”, zegt ze er meteen bij, want haar kapsalon is wel een bijzondere – want het is gevestigd in het woonzorgpark. En dat betekent veel dankbare klanten, maar ook wel eens klanten die hun afspraak vergeten en dan moet Yvonne er achteraan of ze zelf even ophalen.

“Ik heb altijd kapster willen worden. De opleiding aan de Noordwal was een parttime-opleiding. Je had er – na de mavo of na de industrieschool – één dag in de week les en de rest van de week werkte je in de praktijk bij een kapperszaak. Eigenlijk was het een leerlingstelsel; in dat kader werkte ik dus bij mijn broer. Overigens had de school een aparte dames- en herenopleiding. In de damesopleiding moest je ook leren watergolven en permanenten, daar moest ook examen in gedaan worden. Overigens is de herenopleiding niet eenvoudiger, omdat die onderdelen er niet in zaten, bij de herenopleiding ligt het accent meer op het knippen, dat leer je bij de damesopleiding niet zo grondig. Het herenkappersvak is gewoon anders.”

Dagschool
Omdat het een parttime-opleiding betrof, zijn de herinneringen van Yvonne van Dijk aan deze tweejarige opleiding redelijk bescheiden. “Ik vond de school altijd heel gezellig en aan mijn leraar, meneer Van Oosten, bewaar ik alleen maar goede herinneringen. Het was niet zo’n massale school en je ging er per slot van rekening maar één dag per week naar toe. In de Prinses Mariestraat had je bijvoorbeeld een dagschool en in de Falckstraat leerde je er ook bij koken. Ik deed de opleiding op maandag, had ook mijn vaste modellen, want die moest je zelf organiseren. Overigens kon je de opleiding met een mavo-vooropleiding (daar vond ik nou echt niets leuks aan!) zo volgen, als je zo’n opleiding niet had, moest je apart toelatingsexamen doen. De modellen gingen ook mee naar het centrale examen, dat in Utrecht plaatsvond.”

Yvonne van Dijk kijkt nog met veel plezier terug naar de tijd aan de Noordwal. “Ik wilde er nu eenmaal graag heen en ik heb het er leuk gehad. Moet je je voorstellen: met z’n allen op een rij achter de kaptafels en dan ’s middags theorieles. Dat ging over het algemeen over het materiaal, dat je gebruikte: de borstels, de haarverf, de kennis van de bestanddelen om kleuren te kunnen mengen enzovoorts. Ik heb na deze opleiding ook mijn vestigingspapieren nog gehaald – een soort middenstandsdiploma – maar dat heb ik eigenlijk voor niets gedaan, want die heb je al lang niet meer nodig om een eigen zaak te kunnen beginnen.”

Robert van Limburg
En terloops voegt ze er nog aan toe: “De zaken van Robert van Limburg waren in die tijd en begrip in Den Haag. Die had heel veel leerlingen op de kappersschool. Er was overigens, volgens mij, maar één leraar, die het herenvak deed en dat was dus de nogal populaire ‘meneer’ Van Oosten. Het damesvak heb ik er later in de praktijk bij geleerd, onder meer in een kapperszaak in de Leggelostraat. Overigens heeft mijn huidige vriend, die ook het kappersvak beheerst, ook op deze school gezeten. Ik heb hem daar niet ontmoet, want hij is twee jaar ouder dan ik. Maar hij zegt daar een wereldtijd gehad te hebben; hij zat immers in een klas met twee jongens en veertig meiden.”

Overigens heeft Yvonne, die haar huidige bedrijf Welness genoemd heeft, nooit spijt van haar keuze gehad. Ook al realiseert zij zich, dat het kappersvak best lichamelijk erg zwaar is, want je staat natuurlijk de hele dag en met name voor de rug is dat nogal belastend. “Maar met oudere mensen werken bevalt mij prima, het is erg dankbaar werk. Ik zou het vak zo weer kiezen als ik weer voor die keuze zou staan”, onderstreept ze haar enthousiasme.

Ton van Rijswijk
avanrijswijk@kpnplanet.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann