Wat deed Bell in Den Haag?

In 2016 stonden in De Oud-Hagenaar bijdragen over Bell in de Residentie en de Bell-fabriek in Den Haag. Maar hoe ontstond het, waar zaten ze en wat deden ze?

Met de telegraaf was het mogelijk middels morsetekens het alfabet te versturen via electrische pulsen over een telegraaflijn en leverde zo een telegram op. Spraak was niet mogelijk. Totdat Alexander Graham Bell in Amerika de ‘telephone’ uitvond, die eerst de akoestische telegraaf werd genoemd. Reden voor Bell om in 1877 de Bell Telephone Company (BTC) op te richten. Na diverse fusies, reorganisaties en overnames waren eind negentiende eeuw de grote spelers in Amerika de American Telephone & Telegraph Company (AT&T), dat bekend stond als ‘The Bell System’ en Western Electric (WEC), de fabrikant met alle licentierechten voor ontwikkeling en productie van apparatuur.

In 1880 wordt voor het verkrijgen van telefoonconcessies in Europa een dochterbedrijf opgericht, de International Bell Telephone Company (IBTC) te Antwerpen, dat in Nederland de Nederlandsche Bell Telefoon Maatschappij (NBTM) start, na verkrijging van de Amsterdamse concessie. In 1882 volgt in Antwerpen de Bell Telephone Manufacturing Company (BTMC), een fabriek waarvan in 1890 WEC nog de enige aandeelhouder is.

Mede onder druk van de Amerikaanse overheid wordt het internationale WEC verkocht aan de in 1920 opgerichte International Telephone & Telegraph Corporation (IT&T, in 1958 ITT) en gaat dan verder als International Standard ElectricCorporation (ISEC) als onderdeel van IT&T. AT&T is nu speler binnen Amerika en IT&T daarbuiten en dat blijft zo tot in de jaren tachtig.

Bell in Den Haag
In 1881 werd de Haagsche dierentuin aangesloten op het door NBTM geïnstalleerde Amsterdamse telefoonnet. Dat van Den Haag volgt in 1883 en komt in 1903 in bezit van de Gemeente-Telephoon Den Haag. Nadat in 1887 de Rijkstelefoon (later PTT/KPN) alle interlokale telefoonverbindingen van NBTM heeft overgenomen, mag NBTM nog tot 1916 netten exploiteren uit naam van het ministerie van Waterstaat.

Exploitatie door NBTM verschuift naar productie door BTMC. BTMC installeert in 1903 in Den Haag als eerste in Nederland een telefooncentrale op basis van een centraal-batterij, een batterij in het telefoontoestel is dan niet meer nodig. BTMC opent in 1911 een verkoopkantoor in Nederland, het ‘Ingenieursbureau, Hoofdvertegenwoordiging voor Nederland en de Koloniën’, onder leiding van de Delftse ingenieur Laurent Velú. Na een kort verblijf in de centrale aan de Hofstraat, is het eerste onderkomen met woonhuis in de toenmalige Albertinestraat in Bezuidenhout, met op het pand zowel het Haagsche ooievaarslogo als het logo van Bell. Later zou de heer Velú ook wonen aan de van Alkemadelaan 342, nu de ambassade van Oostenrijk. In september verhuist het kantoor naar de Wagenstraat, naast het huidige Peek & Cloppenburg. In 1912, dan gevestigd aan het Noordeinde, besluit de Gemeente-Telephoon tot aanschaf van een semi-automatische centrale (Rotary) aan de Kerklaan te Scheveningen. Het contract wordt in 1914 getekend, ook voor een centrale in de Marnixstraat. Beide komen er niet, omdat in oktober 1914 BTMC zijn fabrieken sluit i.v.m. de eerste wereldoorlog. Na afloop daarvan bestelt Den Haag nu meer telefoonlijnen voor Rotary-centrales in het Centrum, Bezuidenhout, Scheveningen en de Marnixstraat. Scheveningen wordt in 1919 opgeleverd. In 1921 wordt het kantoor bij de Kamer van Koophandel ingeschreven als ‘Bell Telephone Manufacturing Company, Afdeeling Nederland en Indië’. Ondertussen was WEC, en dus ook BTMC, in 1924 verkocht aan IT&T en ging verder als onderdeel van de International Standard Electric Company. In dat jaar is de centrale ‘Centrum’ aan de Hofstraat de eerste centrale die geheel zelfstandig door Nederlandse installateurs is gebouwd, getest en opgeleverd. Uitbreiding van het bedrijf was nodig. In 1924 wordt het pand aan de Scheldestraat betrokken voor het vervaardigen van telefoononderdelen, met smederij, moffelinrichting en galvaniseerinrichting. Tot aan de beurskrach in 1929 en de daarop volgende crisis.

De ‘Afdeling’ vertegenwoordigde ook luidsprekersystemen van WEC voor in de openbare ruimte en had in 1925 in het Kurhaus te Scheveningen een tentoonstelling. De voormalige H.H. Engelbewaarderskerk aan de Brandtstraat had zo’n systeem. In 1928 verzorgde WEC het luidsprekersysteem aan het Korte en Lange Voorhout i.v.m. de herdenking van het 30-jarige jubileum van Koningin-Moeder Emma. De ‘Afdeeling Nederland en Indië’ werd hiervoor bedankt door het ‘Haagsch Comité 1929’. In opdracht van ‘de Afdeling’ was voor het maken van foto’s E.H. Visser van Weeren, toen gevestigd aan de Heerengracht, ingehuurd.

1eVan der Kunstraat
Pas in 1936 wordt, na de crisis en op aandringen van de PTT, de werkplaats aan de Scheldestraat weer heropend. Ondertussen zijn ook Ericsson en Siemens actief in Nederland. Siemens heeft in 1931 een fabriekspand aan de 1Van der Kunstraat betrokken. In 1936 viert ‘Afdeling Nederland en Indië’ haar 25-jarig jubileum. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1939 is in Nederland aanleiding plannen te maken voor verdere fabrieksuitbreiding. Nederland denkt nog neutraal te kunnen blijven en verlangt door de oorlogsdreiging meer nationale fabricage van de industrie. De ‘Afdeling Nederland en Indië’ stelt aan Antwerpen een Naamloze Vennootschap te worden. In februari 1940 worden de ontwerpstatuten voor de Nederlandsche Standard Electric Mij N.V. (NSEM) ingediend bij het departement voor Defensie en in december 1940 wordt NSEM ingeschreven in de Kamer van Koophandel als Nederlands bedrijf.

Tijdens de oorlogsjaren geldt NSEM als ‘Rüstungsbetrieb’. Personeel wordt steeds vaker gedwongen te werken in Duitsland. NSEM produceert o.a. veldtelefoons voor het Duitse leger en draaggolfapparatuur voor de PTT. BTMC levert, na een korte sluiting, via NSEM weer centrales aan Nederland. Zo komt NSEM de oorlog door. PTT gunt de wederopbouw van het Nederlandse telefoonnet vooral aan BTMC/NSEM. De Nederlandse staat sluit in 1945 Siemens als bedrijf en in juni 1946 verhuist NSEM van de Scheldestraat naar het voormalige Siemensgebouw aan de Van der Kunstraat. Eind jaren veertig is het telefoonnet gerepareerd, is een licentiefabriek ingericht en zijn/worden grote opdrachten voor de eerste mechanisch-elektronische Rotarycentrales ontvangen. Centrales ontwikkelen steeds meer van mechanisch naar elektronisch. In 1951 begint de bouw van de eerste mechano-elektronische centrale in Scheveningen, een nieuw tijdperk breekt aan voor NSEM. De fabriek breidt productie uit en beschikt over een complete fabriek voor metaalbewerking, assemblagelijnen voor telefoons en verkoopt o.a. ook radio’s. Wie kent niet de bekende grijze stalen kasten langs het spoorwegennet voor de Automatische Trein Beïnvloeding (ATB), dat na de treinramp in 1962 bij Harmelen door de NS wordt geïntroduceerd? Bijgaande foto is in opdracht van NSEM gemaakt door Bram van Welsen, gevestigd aan de Laan van Meerdervoort.

Op het Van der Kuncomplex verrijst in 1967 (naast Confectiefabriek Gazan) een nieuwe kantoorflat, dat tegenwoordig als appartementengebouw tussen andere hoogbouw niet meer zo opvalt. NSEM bouwt een districtcentrale in de PTT-toren in het Bezuidenhout. Helaas laat PTT weten dat centrales van Philips en Ericsson in de Bell-districten zullen worden ingezet, dat is het einde van de zware industrie op grote schaal bij NSEM. Ondanks een reorganisatie eind jaren zeventig wordt toch een veelheid aan producten in de loop der jaren ontwikkeld, en/of in productie genomen en/of verkocht, waaronder de Unifoon en complete rotary-centrales, zowel electro-mechanisch als electronisch met transistors.

Kerketuinen
De behoefte aan een moderne inrichting voor toekomstige ontwikkelingen betekent in 1985 een verhuizing naar Kerketuinen, achter het Leyenburgziekenhuis. B&W van Den Haag belonen ITT/NSEM met de Zilveren Ooievaar. In 1987 brengen ITT en het Franse CGE hun wereldwijde telecomactiviteiten onder in het nieuwe Alcatel en krijgt ITT/NSEM als naam Alcatel Nederland B.V. Aan de PTT wordt de volledig digitale telefooncentrale (System 12) geleverd. In 1993 besluit PTT af te willen van ITT als derde leverancier en gaat over tot volledige ontmanteling. Ondertussen centraliseert Alcatel productie elders in Europa, de fabriek in Kerketuinen wordt gesloten. In 1994 wordt verhuisd naar een kantoor aan de Burg. Elsenlaan in Rijswijk met een servicecentrum en magazijn aan de Polakweg. Aan het magazijn zit nog een wit bolletje, een antenne als overblijfsel van een volgsysteem voor vrachtwagens. De activiteiten gingen onveranderd door met elders gefabriceerde GSM-apparatuur voor installatie van Dutchtone, de eerste GSM-telefoons voor KPN onder de naam One Touch, bedrijfstelefooncentrales, IBM-compatible beeldschermapparatuur en het onderhoud bij de krijgsmachten van meer dan tienduizend pc’s met randapparatuur. KPN neemt Alcatel als hoofdleverancier voor SDH glasvezeltransmissie-aparatuur t.b.v. het internetverkeer. Ook ADSL-apparatuur, voor internettoegang via de telefoondraadjes van de telefoonaansluiting thuis, behoort tot het bijna exclusieve domein van Alcatel. Begin van het jaar 2000 zijn wereldwijd de verwachtingen over het gebruik van het internetverkeer te hoog ingeschat en spat de ‘internetzeepbel’ uit elkaar en neemt Alcatel in ruim een jaar gedwongen afscheid nemen van ca. 70 procent van haar personeel. Het pand aan de Polakweg wordt grotendeels verlaten. Verschillende activiteiten worden door andere bedrijven overgenomen of verzelfstandigd. Transmissie en ADSL blijven en met de laatste verwerft Nederland een leidende positie in de wereld.

In Nederland en Europa is Alcatel niet alleen. Was Lucent Technologies, in 1996 voortgekomen uit Bell-moeder AT&T, een concurrent, nu gaan beide bedrijven in 2006 in Rijswijk samen als Alcatel-Lucent en verhuist in 2012 naar Hoofddorp. Dan is ‘Bell’ verdwenen uit het Haagse beeld. In 2017 verandert, na een overname, de naam in Nokia.

Wilt u meer lezen en zien? Op onze website staat dit artikel met meer tekst en foto’s. Of in het boek 125 jaar bellen met Bell, geschreven door onze auteur Thomas Lof. Wilt u dit aanschaffen, onze nieuwsbrief ontvangen of heeft u een vraag? Neem dan contact met ons op.

Danny van der Steen
communicatie@telecom-erfgoed.nl

Telecom Erfgoed Stichting (Teles): telecom-erfgoed.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann