Fikse brand vernietigt Oranjekazerne in 1919

Groot was de consternatie toen geruchten gingen dat de Oranjekazerne in brand was gestoken door de communisten! Het was een tijd vol speculatie en angst. Op drie plaatsen tegelijk werden vuurhaarden gevonden, die wezen op brandstichting. Zo kort na de eerste wereldoorlog betekende deze terreurdaad een nieuwe angstgolf voor de Hagenaars.

Den Haag stond eeuwenlang bekend als garnizoensstad met diverse kazernes om de stad en haar (vooraanstaande) inwoners te beschermen. De Oranjekazerne grensde aan de binnenstad met de ingang aan de deftige Mauritskade. Eigenlijk op de plek waar nu het Louis Couperusplein is gevestigd. De Oranjekazerne werd gebouwd in 1824 en de latere koning Willem II, de held van Waterloo, had toen de eerste steen gelegd. De kazerne heeft door de enorme catastrofe het eeuwfeest niet gehaald.

De heftige brand was de grootste sinds de enorme Kurhausbrand van 1886. Ofschoon het nasmeulen nog vele dagen duurde, woedde de brand van donderdagavond 19 uur tot half vier in de vroege ochtend. Ruw om zich heen wakkerende vlammen verlichtten de fraaie panden in de omgeving waaronder de grootse Sint Jacobskerk in de Parkstraat. Het hele Haagse brandweerkorps was ter plaatse. Al het beschikbare materieel werd ingezet. De eerste brandmeester, B.O. Spoelstra, die binnen vier minuten ter plaatse was, kon spoedig concluderen dat de brand was aangestoken. De ervaren brandweerman merkte gelijk dat er kwaadwilligheid in het spel was omdat de brandput op het terrein was gesaboteerd. Door het plaatsen van een klinkersteen was het onmogelijk om de kraan open te draaien. Er was zeker sprake van opzet, maar of de schuld bij de communisten lag, viel moeilijk te achterhalen. Ook de dikke beloning van ƒ 500,- leverde geen bruikbare tips op. De oorzaak van de brand is nooit opgelost.

Munitie
De brand werd ontdekt in rustkamer 53, waar een soldaat zware rookwolken uit zag komen. Nauwelijks had hij dit geconstateerd of de vlammen sloegen met veel gerinkel de ramen kapot en sloegen naar buiten. Het reusachtige complex in de vorm van vier hoge gebouwen rondom een carré-vormige binnenplaats stond weldra in lichterlaaie. Die avond hoorde toeschouwers en buren uit de Kazernestraat, Denneweg en het Voorhout een onheilspellend geknal alsof de munitie in vlammen opging. Het geluid van ontploffende patronen, klonk beangstigend in die donkere nacht in maart. De aanwezige soldaten werkten keihard samen met de brandweer onder het motto van “Redden wat er te redden is!”. Gelukkig was het grootste gedeelte van de munitie rond 22 uur naar elders overgebracht.

Ramptoeristen
Toeschouwers kwamen van heinde en verre. Ook vroeger bestonden er al ramptoeristen. Burgemeester Patijn en de minister van Oorlog waren eveneens aanwezig. De politie kon met veel moeite de toegestroomde menigte in bedwang houden. Enkele raddraaiers werden gearresteerd omdat ze op het kazerneterrein spontaan aan het stelen waren. Het was overal stervensdruk rondom de Oranjekazerne.

De volgende ochtend was van het aanzienlijke kazernegebouw een grote zwartgeblakerde ruïne over, waar niemand meer verblijf kon houden. De soldaten waren allemaal overgebracht naar gebouwen en andere kazernes. Hun plunje was in rook opgegaan.

Braakliggend
Twintig jaar eerder bleek het gebouw niet meer te voldoen aan de gezondheidseisen voor een kazerne. Het was ouderwets. Diverse aanpassingen waren noodzakelijk. Na de uitslaande brand is het gebouw nooit meer hersteld. Het terrein bleef vele jaren braakliggend, tot grote ergernis van de bevolking.

Frans van der Helm
helmhuis@ziggo.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann