Volkswagen 1600TL

Vanmorgen reed er een donkergroene Volkswagen 1600TL voor mij en ik moest gelijk aan Ton Hazenbroek denken. Waarom? Omdat hij in de jaren zeventig in zo’n zelfde auto reed.

Hij behoorde in die tijd tot onze vriendenclub die zijn basis vond bij Dansschool Van der Meulen aan de Laan van Meerdervoort. Ja, inderdaad met feestjes bij Anne-Marie Starmans, van die gele Datsun Cherry 100A, mijn toenmalige vriendin Cora, haar collega Anjo Schouw en nog een aantal. Ja, u kent ze zo langzamerhand wel. Ik ben zelfs nog met Ton op vakantie naar Mallorca geweest. Mooie tijden, maar dat terzijde.

De Volkswagen 1600TL, dus. Een Fastback, of anders gezegd: een Sedan met een sportieve, aflopende Coupé-lijn. Nieuw voor die tijd en zeker voor Volkswagen in zijn stap naar grotere modellen dan de Kever. Eigenlijk een heel fraai model met elegante lijnen en een mooi gebruik van chroom, waarbij het geheel toch een solide indruk maakte.

Door zijn hoge opbouw bood hij voldoende been-, elleboog- en hoofdruimte voor vijf inzittenden en achterin zelfs een comfortabele opklapbare armsteun. Het interieur was typisch Duits Volkswagen-clean uitgevoerd. Achter het standaard zwarte VW-stuur met die halve chromen claxonring drie kloeke, zelfs voor slechtzienden, helder afleesbare klokken. In het midden de optimistische snelheidsmeter die tot 160 km aangaf, links de benzinemeterklok en rechts de analoge tijdsklok. Links daaronder twee knoppen voor de ruitenwissers en -sproeiers en de verlichting. De richtingaanwijzer aan het stuur bediende ook het groot-/dimlicht en in het midden van het dashboard, naast het asbakje, drie chromen schuifjes voor de ventilatie en dat was alles. Speciale aandacht was besteed aan de stoelen die aan de voorkant verhoogd waren, zodat ze extra support gaven aan de onderbenen. De leuningen waren verhoogd voor een goede support op schouderhoogte. En beide stoelen waren royaal verstelbaar in 49 zitposities, zoals VW zelf beweerde. Ook bij deze Volkswagen de motor achterin en voorin de bagageruimte, maar door een slimme motorpositionering was er ook achterin boven de motor nog extra bagageruimte.

Rijden met deze Volkswagen 1600TL bleef natuurlijk typisch Volkswagen, met zijn opvallende opstaande rem- en koppelingspedalen. Een luchtgekoelde motor, achterwielaandrijving en de motor achterin. Dat laatste had natuurlijk zijn effect op de wegligging en zijwindgevoeligheid. Vóór had hij schijfremmen en achter trommelremmen. Sturen ging licht en het schaken, zoals bij de Kever, was altijd wat rommelig en weinig strak. Parkeren was eveneens al bij de Kever door een moeilijke afstandsinschatting ‘op goed geluk’. Opmerkelijk was ook bij dit model het sluiten van de portieren die je flink moest dichttrekken in verband met een soort vacuümeffect. Slim was trouwens dat er geen knopjes op de deuren zaten waaraan je kon zien of de deuren afgesloten waren of niet. Ik was het bijna vergeten, maar ook zo handig en effectief waren de grote lussen achter de portieren voor de achterpassagiers om zich aan vast te houden, met daarboven een kledinghaakje met daarboven een lampje voor de binnenverlichting. Zo ongelooflijk oerdegelijk Duits en dat gold voor de hele auto. Gelukkig waren onze feestjes stukken frivoler!

John Vroom (autojournalist)
johnvroom@planet.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann