Onthoofding na vriendenruzie in 1746

Halverwege de 18e eeuw werd Jacob de Haas naar het schavot gebracht om met een zwaard door de beul te worden gedood. Een tragisch schouwspel dat moest dienen als voorbeeld voor iedereen om te laten zien dat Holland een land van recht en orde was. Het vonnis was hard en onherroepelijk en dat allemaal vanwege een uit de hand gelopen ruzie.

Den Haag kende in de 18e eeuw veel kroegjes, herbergen en uitspanningen waar het nodige vertier te vinden was. De kleine bevolking van zo’n 38.000 man leefde hoofdzakelijk binnen de singels op enkele boeren na, die in Segbroek en langs de Bezuidenhoutseweg te vinden waren. Scheveningen en Den Haag lagen nog kilometers van elkaar verwijderd en waren slechts door de Scheveningseweg met elkaar verbonden. Vrachtvervoer ging te voet, te paard of per wagen over deze weg naar Scheveningen en terug.

Groenmarkt
De veroordeelde Jacob de Haas was knecht bij zo’n vrachtvervoerder, die zijn begin- en eindpunt had bij de Scheveningse Brug. Hij was een stevige kerel van 22 jaar, wat onbehouwen maar wel dienstbaar. In geen enkel opzicht week hij af van andere ongeschoolde werkkrachten van die tijd. Vrienden had hij volop. Eén van zijn boezemvrienden was Daan Singenberg, een metselaarsknecht met wie hij het goed kon vinden.

Op maandagmiddag 7 november 1746 toogden zij samen naar de Groenmarkt naar de tent van Jan Loos om wat te drinken. Ze sloegen enkele biertjes achterover en nog wat jenevertjes. Toen het op betalen aankwam, had Jacob slechts een paar stuivers bij zich. Daan eiste echter dat Jacob zou betalen, maar toen Jacob hem een dreun verkocht was die dwingelandij voorbij. Voorlopig althans.

Kloosterkerk
Vervolgens trokken de drinkers die middag om 4 uur naar de tent van Pieter Brunninse achter de Kloosterkerk bij het Nachtegaalspad (nu Parkstraat geheten). Daar stonden wat duistere tentjes. Ze bestelden samen een glas jenever, dronken de helft op, omdat ze al aardig beschonken waren. Vervolgens verlieten ze de kroeg richting Nachtegaalspad. Met hun dronken kop begonnen ze weer te ruziën over de betaling op de Groenmarkt, eerder die middag.

Messen
Op een gegeven moment trok Daan een mes, dreigde ermee en gauw bleek dat het geen spelletje was. Hij stak in het wilde weg en juist Jacob probeerde hem tot bedaren te krijgen. De vechtpartij leek uit de hand te lopen. Jacob zei: “Laten we ermee stoppen en met een drankje de zaak uitpraten”. Maar Daan had daar geen trek in. Ze liepen vechtend verder, dan weer de messen opgepakt en dan weer tevoorschijn halend. Van schelden lijkt geen sprake volgens het proces-verbaal. Bij het schelppad aangekomen begon het sarren uit de hand te lopen.

Dood
Daan stak een paar keer, maar het was Jacob die de eerste bloedende steek toebracht boven op Daans hoofd.

Spoedig volgde een tweede en de dronken vrienden wisten van geen ophouden. Omstanders riepen: “Daar komt de wacht” en Jacob leek het te geloven en rende weg, maar hij bedacht zich en kwam terug om zijn hoed op te rapen.

Hij zag Daan badend in het bloed op de grond liggen. Later zou hij horen dat Daan spoedig was overleden.

Jacob vluchtte naar Amsterdam waar hij aan boord ging van het schip Zuyderburg richting Indië.

Hij werd van boord gehaald en eindigde vervolgens op het schavot wegens moord, wat we nu doodslag zouden noemen.

Frans van der Helm
helmhuis@ziggo.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann