De geelgroene HTM-bussen (1955-1973)

In De Oud-Hagenaar hebben we het regelmatig over het verleden van de Haagse tram maar gaan de herinneringen ook terug naar de oude Haagse geelgroene stadsbussen. Als kleine jongen woonde ik in de jaren zestig met mijn ouders aan de Meppelweg in een maisonnette met voor de deur de halte van buslijn 15. Geplaagd door astma kon ik vaak niet naar school en bracht mijn dagen door in vaders fauteuil voor het raam met uitzicht op deze halte waar met de regelmaat van de klok de zwaar klinkende dieselbussen van de HTM halteerden om passagiers in- en uit te laten stappen. Hier werd mijn interesse voor het openbaar vervoer geboren alsmede de wens om later buschauffeur op deze indrukwekkende voertuigen te worden.

Tegen de tijd dat ik over de astma heen was gegroeid en ik rijp was voor het vak van chauffeur, waren de betreffende bussen al vele jaren uit de stad verdwenen en doken zij zeer incidenteel nog hier en daar op als zomerhuisje, snackbar of bouwkeet. Het plan ontstond derhalve om een oud exemplaar op te snorren en er een museumbus van te maken. In eerste instantie werd de HTM benaderd voor medewerking, maar hier werden wij meewarig bekeken, en verwezen naar instanties als correlatie en Parnassia. HTM bezat een collectie prachtig gerestaureerde trams en wie zat er nu te wachten op een oude bus?

Toch ontstond het plan om op zoek te gaan naar een van de nog bestaande bussen, die zowel van het merk Kromhout als AEC waren gefabriceerd en van een opbouw waren voorzien door carrosseriebedrijf Verheul in Waddinxveen. Dit leek echter makkelijk dan het was. Met een vriendengroepje werden vele reizen gemaakt die tot in België leidden en meestal het gevolg waren van goedbedoelde tips, waarbij het betreffende voertuig door tipgevers was aangeboden met een verkoopargument dat het starten-lopen was. Na lang speuren over akkers, bosgebieden, sloperijen en eindeloze B-wegen doemden dan eindelijk de bekende Haagse kleuren geelgroen op, helaas inmiddels grotendeels vervangen door de kleur roestbruin. Veel voertuigen zwaaiden ons al van verre tegemoet. Dit bleek na aankomst vaak loszittende beplating te zijn. Van starten kwam ook niet veel, van lopen des te meer. Op een van de foto’s zijn we op 9 september 1978 in het havengebied van Zeebrugge waar nog een aantal geelgroene HTM-bussen werd gebruikt als schaftkeet bij de aanleg van het havengebied. De op de foto getoonde bus Kromhout 269 verkeert in een deplorabele staat en is ontdaan van motor en versnellingsbak. Deze werden door de sloper meestal doorverkocht voor de scheepvaart gezien de oersterke reputatie van de Kromhoutmotoren.

Tekst gaat verder onder foto’s

Maar voor ons hobbyisten dus onbruikbaar, dus op naar de volgende tip: in het Haagse Zuiderpark gebruikte de stichting Onze wijde wereld een oude HTM-bus, die door de HTM volledig gerestaureerd aan de stichting was aangeboden voor gehandicaptenvervoer. De bus was in showroomconditie maar volop in gebruik. Afgesproken werd dat we een optie op de bus kregen zodra hij werd afgevoerd. Al vrij snel hierna kreeg de stichting de beschikking over een personenbusje. Helaas werd onze afspraak vergeten en werden we op de bus geattendeerd door een artikel in het Vaderland waarbij de bus op het terrein van de remise Delftweg in brand was gestoken teneinde de sloop van het stokoude voertuig te vereenvoudigen. Kans vervlogen!

Maar toen hadden wij ineens geluk: op het vliegveld Zestienhoven reden twee platformbussen, destijds verkregen van het Rotterdamse busbedrijf RET, maar oorspronkelijk in 1958 aangeschaft door de HTM. De ene bus stond inmiddels met een gescheurd motorblok terzijde maar de andere, met wagennummer 327 (HTM-serie 316-330) type Kromhout, was nog rijvaardig en kon voor 1.500 gulden worden overgenomen. Bij de Vios in Wateringen werd een stallingsplaats gehuurd, en in het artikel zien we de sleetse Kromhout in Wateringen de garage uit rijden voor verder herstel.

Het toeval wilde namelijk dat de HTM in 1979 zijn 65-jarig jubileum wilde vieren en nu kwam een antieke bus ineens wel van pas. We hebben het aan HTM-functionaris Cees van der Veen te danken dat de bus de werkplaats kon worden ingepraat waarna monteurs van de HTM en onze vriendenclub de bus gezamenlijk hebben gerestaureerd. Om de bus een nieuwe baasje te geven (de HTM had geen mogelijkheid de bus terug in het wagenpark te nemen), werd door uw auteur samen met een paar vrienden het Haags Bus Museum opgericht, een stichting die inmiddels is uitgegroeid tot een respectabele organisatie met vele tientallen museumbussen.

En zo zien we op de foto bij dit artikel Kromhout 327 op 4 augustus 1979 gerestaureerd door de Vreeswijkstraat rijden. En later poserend in de tot museum omgebouwde remise Frans Halsstraat.

Naast de wens een Kromhout te bewaren voor het nageslacht, bleef ook de hoop op een AEC-bus uit de HTM-serie 501-580. Op 24 augustus 1980 togen we naar het Belgische Lebbeke waar een liefhebber een paar AEC’s op de sloop had zien staan. Groot was daarom onze verbazing toen wij ter plaatse maar liefst zes van dergelijke HTM-voertuigen aantroffen.

Hoewel deze bussen nog vrij compleet waren, en de olie nog van de peilstok droop, ontbrak het aan financiële middelen om een van de voertuigen te repatriëren naar Den Haag en op dezelfde wijze als bus 327 te restaureren. Het is daarom helaas bij die ene, maar zeer fraaie 327 gebleven, die u ongetwijfeld nog wel eens in Den Haag zult tegenkomen.

In een volgend artikel zal ik eens ingaan op de geschiedenis van de geelgroene trams in Den Haag.

Ruurd Berendes
r.berendes@ziggo.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann