Getouwtrek bij komst tram op het Binnenhof

Wat een drukte op en rond het Binnenhof rond 1900. Niet zoals nu met fietsers en wandelaars, maar met allerlei vormen van verkeer. Van koetsen tot handkarren en van paardentram tot omnibussen. En toen wilde het Haagse stadsbestuur ook nog eens een elektrische tram laten rijden door de poortjes van het historische grafelijke slot. Dat besluit kon rekenen op verzet van de gebruikers van het Binnenhof: de Rijksoverheid!

Den Haag ging aan het einde van de 19e eeuw in rap tempo mee in de vaart der volkeren. In 1900 had de inmiddels 13-jarige HTM een voorname plaats ingenomen in de stad. De commerciële onderneming wist zelfs een stoomtram naar Delft te exploiteren, die buitengewoon winstgevend was. De mobiliteit van de Hagenaars nam steeds verder toe toen er meer wijken buiten de singels kwamen. Den Haag was volop in beweging. Richting Loosduinen, richting Scheveningen en richting Wassenaar verrezen steeds meer woonwijken met bewoners die geregeld in het centrum moesten zijn.

Spinnenweb
Rond 1900 is het Haagse gemeentebestuur volop bezig met elektrificatie van het tramwegnet. Er waren voor- en tegenstanders. Niet iedere bestuurder zag de ‘spinnenwebben’ van elektriciteitsgeleidingen zitten. Het was een onooglijk en rommelig gezicht, wat uit de stad geweerd moest worden, was een veel gehoorde opmerking. Andere politici vroegen zich af of het openbaar vervoer in gemeentehanden moest komen of dat het een particulier initiatief moest blijven. In 1902 vroeg de HTM toestemming voor elektrificatie van het bestaande tramwegnet. In 1904 werd deze verleend en de vervoerder ging snel aan de slag.

Twee regeringen
Op het Binnenhof ging het allemaal niet snel met de elektrificatie. Overduidelijk kwam weer aan het licht, dat Den Haag twee besturen heeft: het Rijk en de Gemeente. Gaf de Haagse gemeente toestemming voor een elektrische tram over het Binnenhof dan hield de minister van Waterstaat het tegen. In 1904 vertikte ARP-minister De Marez Oyens akkoord te gaan met het ‘beugelen’ op het Binnenhof. Om van het Plein naar het Buitenhof te komen, werd toen overwogen om de tram over de Vijverberg te laten rijden. Gemeente en Rijk stonden recht tegenover elkaar. De HTM zat klem tussen de twee kibbelende bestuurders. De bevolking keek lijdzaam toe. De Hagenaars waren de strubbelingen tussen de beide regeringen wel gewend.

Kruispunt
Uiteindelijk kwam er een compromis tot stand: de concessie om over het Binnenhof een elektrische tram te laten rijden werd slechts verleend tot de nieuwe weg tussen Gevangenpoort en Hofvijver was gerealiseerd. Dit gebeurde in 1925 en vanaf dat moment was de elektrische tram weer persona non grata op het Binnenhof. De tram tussen de regeringsgebouwen was lijn 3, die reed vanaf het Valkenbosplein / Groot-Hertoginnelaan over het Binnenhof en het Plein naar het Bezuidenhout. De gebeugelde tram verving de paardentram die tot dan nog lijn C heette. Aan de vergunning zat een belangrijke voorwaarde: de leidingen moesten op Prinsjesdag worden weggehaald zodat de Gouden Koets onder de toegangspoorten kon rijden.

Fiets
Op het Plein werd het ook alsmaar drukker en het aantal ongelukken nam ook in rap tempo toe. De stoepen werden te smal voor de voetgangers en de smalle straatjes boden te weinig ruimte voor de tram en al het overige verkeer. Vooral op de kruising Plein/Vijverberg kwamen veel ongelukken voor tussen fietsers en de tram. In 1905 is zelfs overwogen om de fiets te weren op het Binnenhof, maar zover is het gelukkig nooit gekomen!

Frans van der Helm
helmhuis@ziggo.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann