Citroën DS19 Cabriolet

De Citroën DS19, die in 1956 werd geïntroduceerd en al snel de bijnaam ‘Snoek’ meekreeg. In 1960 werd er een cabriolet uitvoering geïntroduceerd met als naam Le Caddy en in 1961 kwam daar de DS19 Cabriolet bij, waarvan er zo’n 1200 zijn geproduceerd. Of liever gezegd: ‘zijn afgebouwd’, want Citroën deed dat niet zelf.

Half afgebouwd werden de vierdeurs DS-modellen afgeleverd bij carrosseriebouwer Henri Chapron om daar te worden omgevormd tot cabriolet. De deuren werden verlengd, het geheel werd verstevigd en er werd een kap opgebouwd. In 1969 kocht je voor één DS19 Cabriolet ook zes Citroëns 2CV. In die tijd en eigenlijk nog steeds een hele exclusieve auto. De Citroën ID- en DS-modellen zijn natuurlijk altijd al hele eigenzinnige auto’s geweest die in vormgeving en details hun tijd al ver vooruit waren. Ik kan mij herinneren dat ik als Haags jongetje in mijn tienertijd altijd gefascineerd stond te kijken als onze buurman aan de Carel Reinierszkade zijn ID19 startte, want dan kwam de hele auto door het speciale veersysteem helemaal omhoog, om dan bij het wegrijden weer comfortabel terug te zakken naar de ingestelde rijstand. Heel bijzonder was natuurlijk die fraai gevormde plat aflopende motorkap, eindigend in een fraaie punt. En dan die koplampen, die in de latere modellen met het de stuurbewegingen meedraaiden. Ja, toen al. En weet u nog wel die bijzondere knipperlichten achter aan het eind van het dak? Jawel, puur jeugdsentiment. Maar de DS had nog meer aparte dingen. Als je het achterwiel wilde verwisselen moest je eerst de vering in de hoogste stand zetten en het achterspatboard verwijderen Prachtig bolle portieren zonder raamlijsten en de deurkrukken aan de binnenkant waren ook heel bijzonder. Eigenlijk een groot handvat met aan de bovenkant een lipje dat je omlaag drukte om het portier te openen en omhoog klikte om hem te vergrendelen. Handig, want zo kon de deur nooit uit je hand waaien bij het openen. Het interieur had toen ook een wat futuristische aanblik. Allereerst dat aparte eenspakige stuur en dat eigenwijze dashboard met die rechte rij knopjes. Het rempedaal was ook anders dan anders. Eigenlijk een halve rubberen tennisbal, die je voorzichtig moest intrappen, anders maakte je snel kennis met de trouwens ook bijzonder gevormde voorruit.

Typisch was ook dat de richtingaanwijzer niet automatisch na de bocht terugviel, maar met de hand weer uitgezet moest worden. Herinnert u het zich nog? En deze Cabriolet had nog meer bijzondere bijzonderheden. Allereerst een riant leren bekleding voor het zeer comfortabele zitmeubilair. De bodem bestaat uit een dikke zachte laag vloerbedekking, die weldadig luxe aandoet. De semi-automaat wordt bediend door een elegant versnellingspookje achter het stuur met een apart schakelpatroon. Omhoog en van je af drukken is 1, naar je toe halen is 2. Naar rechts en naar achteren 3 en weer naar voren is 4. En om de auto te starten duwde je het pookje helemaal naar links. Prachtig, toch? Ik vind de Citroën DS19 Cabriolet een heel bijzondere automobiel die mij nog steeds een warm gevoel geeft.

John Vroom (autojournalist)
johnvroom@planet.nl

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann