Badhuisbezoek in Rijswijk en Den Haag

Mijn ouderlijk huis had geen badkamer. Die zat er wel oorspronkelijk in, maar door het oplopende kindertal moest de badkamer wijken voor een slaapkamer. Dus werden de jongste drie bloedjes van de zes een keer in de week in de keuken gewassen. Moeder verwarmde het badwater in emmers op het gasstel en mikte het daarna in de teil op de grond.

Ik had de eer als eerste daarin door mijn moeder schoongeboend te worden. Dat deed ze heel grondig. Als verpleegster was ze gewend tegenstribbelende mannelijke patiënten flink aan te pakken, maar ik vond het een kwelling. Als er dan ook nog zeep in mijn ogen kwam, begon ik zielig hard te krijsen, maar moeder ging onverstoorbaar door met haar marteling. De volgende twee zusjes werden in hetzelfde badwater gewassen. Daarna volgde het pijnlijke nagels knippen…

Als moeder dienst had, nam mijn oudste zus het waswerk over. Dat gebeurde in de spreekkamer van de huisarts beneden, omdat daar de enige wastafel met een geiser was. Ik moest dan op een stalen trapje staan. Met een washandje waste zij mijn body van boven naar beneden schoon. Veel zachter dan moeder deed. Zo zacht, dat ik toen ik blijkbaar de pubertijd naderde, in de onderbuik wellustige gevoelens kreeg met zichtbaar gevolg… Dat vond ik nogal gênant en dus werd het nu tijd voor het badhuis.

Bleekerslaan
Met een stukje zeep en een schone onderbroek (die ik echter vaak vergat) in een opgerolde handdoek liep ik naar de Bleekerslaan 2 in het oude Rijswijk en kocht aan de kassa een kaartje voor een stortbad, zoals een douchebad toen heette. Dan plaatsnemen in de meestal overvolle wachtkamer tussen die heerlijk stinkende werklieden en wachten tot de badmeester mijn nummer riep. Bij de geopende douchedeur nam hij mijn kaartje in ontvangst en stelde de klok op de buitenkant van de deur op twintig minuten.

Nu begon het haasten. In die twintig minuten uitkleden, douchen, haren wassen, inzepen, afspoelen, afdrogen en weer aankleden. Dan bonsde de badmeester op mijn deur en riep, dat het de hoogste tijd was. O wee, als ik daar overheen ging. Dan volgde nog een stortbui, nu van fraaie scheldwoorden. Er mocht niet gezongen en geroepen worden, hoewel mannen dat juist graag onder de douche willen doen. Enfin, heerlijk verfrist naar huis. Ik kon er voor een week weer tegen aan.

Ligbaden
Het badhuis lag op een hoek. In de hal de kassa en links de wachtruimte en rechtdoor een lange gang met links en rechts de badhokjes. De badmeester veegde de mijne voor mijn entree nog gauw met zijn zwabber ‘schoon’. Je moest dan maar niet in het afvoerputje kijken… De ligbaden waren vooraan in deze gang en werden door de dames bezocht. Zij waren duurder dan de douches en mochten langer gebruikt worden.

Een stortbad
Die badgelegenheden waren in de jaren twintig bedoeld voor de arbeiders. Zij hadden die voorzieningen niet in hun oude woningen. In mijn geboortedorp Rijswijk kwam in 1927 het boven genoemde badhuis tot stand. In Den Haag kwamen er achttien! Een stortbad kostte vijftien cent voor twintig minuten. Een lig- of kuipbad dertig cent. Soms moest de badmeester ingrijpen, als er een dame in bad in slaap was gevallen.

Een danseres uit de revue van Henri ter Hall (in Scala), was in het kuipbad onwel geworden. Badmeester Koos heeft toen de naakte dame gered. Dat heeft hij nog vaak moeten horen! Eens kwam de Sociale Dienst met een vies klantje, die dan ‘geweekt ‘moest worden. Zijn vodden gingen de oven in en werden verbrand en dan werd de knaap weer in het ‘nieuw’ gestoken en afgevoerd naar het gevang. Daar waren zeker nog geen douches…

In de oorlog kwamen er meer bezoekers, omdat gas en stroom op de bon waren, waardoor het goedkoper was naar het badhuis te gaan dan thuis water op te warmen voor in de teil. Maar als Duitse militairen kwamen baden, moest het badhuis voor het publiek gesloten zijn. En dat gebeurde natuurlijk zeer onregelmatig. Wegens gebrek aan brandstof was het badhuis in het laatste oorlogsjaar gesloten. Dus dat werd weer kliederen aan de wastafel thuis, maar nu zonder assistentie…

Gesloopt
Na de oorlog werd alles langzamerhand beter. In 1968 kostte de douche vijftig cent en het kuipbad een gulden. Daarna liep het bezoek terug. Alle nieuwbouwwoningen hadden nu een douche of een lavet. En er werden douches in kasten of onder de trappen geïnstalleerd. Het badhuis in Rijswijk sloot op 1 december 1976 voorgoed de deuren en werd in 1984 gesloopt.

Maar mijn noodgedwongen bezoek aan baden buiten de deur bleef bestaan zo lang ik op kamers woonde.

Zo heb ik meermalen het badhuis in de Torenstraat bezocht en dat in de Regentes in de Weimarstraat. Tot ik eindelijk mijn eigen douche kreeg in onze eerste koopetage. Wat een weelde! Baden wanneer en hoelang ik wou! Afdrogen met een warme handdoek! Daar geniet ik elke dag enorm van! Wat voor de jongere generatie heel normaal is, is voor mij een luxe, waarvan ik iedere dag genieten mag. Hetzelfde geldt voor de centrale verwarming, de computer en diverse andere zaken, die het moderne leven vergemakkelijken, maar die in mijn jeugd nog niet bestonden en we dus ook niet misten…

Barend Jan Donker
lindenf@planet.nl

Bron: Het Openbaar Badhuis te Rijswijk in het Jaarboek Historische Vereniging Rijswijk 2013, Willem van der Ende

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann