Austin Princess 2200

Ik denk dat weinig Nederlanders hem nog zullen kennen. Een Brits, zeg maar Austin, product uit de jaren van Thatcher, toen British Motor Corporation omgedoopt werd naar British Leyland. Deze Princess heette bij de introductie in 1975 Austin en werd later omgedoopt tot Princess als merknaam.

Waarom herinner ik mij deze auto zo goed? Dat zal ik u vertellen. Ik meen mij nog te herinneren dat in die periode in het KNAC Magazine, ja, de sjiekere tegenhanger van de ANWB, een oproep werd gedaan aan leden. Bedoeling was om leden met een Princess 2200 van de importeur geselecteerde Rode Kruis leden naar een jubileumbijeenkomst in Landgoed Groenendaal in Bloemendaal te vervoeren, waar ook Prinses Margriet aanwezig zou zijn. U begrijpt een paar dagen met een Princess 2200 rijden sprak mij natuurlijk erg aan. En zo geschiedde het. Ik zal u de details besparen, maar ik zat wel aan tafel met Prinses Margriet.

Henk van Wely
Maar terug naar de auto. Je zag ze niet zo veel, maar ik kende hem uit de showroom van de toenmalige dealer in de Parkstraat in Den Haag. Aparte auto die echter niet zo betrouwbaar was, heb ik mij later laten vertellen door Henk van Wely, ook een Hagenaar, die destijds bij British Leyland werkte in Gouda. De Princess had een hele apart wigvormig design. Inderdaad zeer apart voor die tijd. Lage platte neus met oplopende lijnen voor wat betreft de rest van de carrosserie. De ruimte in het interieur was vorstelijk. ‘Uw woning op de weg’, schreven ze in de folder zonder enige gêne. En het werd nog serieuzer. ‘Met als stoelbekleding een zacht hoogpolig velours, zoals u het zich in uw woonkamer niet beter kunt wensen. Stoelen om desgewenst behaaglijk in achterover te leunen, dankzij de verstelbare rugleuning voorzien van armsteunen.’ Tja, dat klonk mooi, maar het dashboard zag er toch wat ‘onsophisticated’ uit, ondanks de walnoothouten accenten. Het was het net niet. Achter een wat eenvoudig stuur zaten links en rechts dezelfde hendels die ook in de stukken goedkopere Austin Maestro zaten. Links op het dashboard een unit van tweemaal drie tuimelschakelars met daarnaast drie chroomloze klokken voor tijd, snelheidsmeter en benzine-, temperatuur- en accumeter, gevolgd door een aansteker en de verwaringsbedieningsknoppen. Zó oninspirerend. De vering van de Princess was perfect. Het Hydragas-systeem zorgde voor een comfortabel weggedrag op slechte wegen en in snelle bochten geen deinen, maar sportief weggedrag. Ja, ruimte was de belangrijkste USP van deze Princess. Je kon er breeduit en languit in zitten en ook de bagageruimte was groots. Als je de bagageklep optilde, geholpen door de telescopisch gasgevulde steunen zag je een ruimte voor je voor 550 literpakken melk. De Princess reed zeer comfortabel, alleen weinig Nederlanders zullen er van genoten hebben, want een verkoopsucces werd hij niet. Het was ook het einde van het Britse auto-imperium. Zó jammer, maar helaas.

John Vroom (autojournalist)
johnvroom@planet.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann