Kartonnen bouwplaten

Graag wil ik wat vertellen over een hobby die in mijn jeugd zijn oorsprong vond, maar pas op latere leeftijd tot bloei kon komen, namelijk het verzamelen van kartonnen bouwplaten. Let wel, niet het in elkaar zetten, maar het verzámelen van de bouwplaten als interessante grafische verschijningsvormen, visuele kunstwerken vaak. Van een bouwplaatje van een Haags Hopje tot één van een Amsterdamse wielklem op ware grootte.

Ik zal een jaar of tien à twaalf zijn geweest toen ik de eerste kartonnen bouwplaatjes in handen kreeg. Rond 1960 derhalve. Of er toen al van die grote vellen bedrukt karton in de speelgoedwinkel te koop waren weet ik niet, maar de bouwplaatjes van de oer-Haagse ‘Nederlanden van 1845′ die de vader van mijn vriendje Dick op zijn werk kreeg, gingen in ieder geval spoorslags via hem naar mij. Ik was er dol op, vooral omdat het gebouwen betrof die ik bij mijn spoorbaan kon gebruiken. Om te beginnen het Hoofdkantoor op de Raamweg van Berlage, inmiddels een zeer zeldzame bouwplaat en bestaande uit zo’n 10 grote A3-vellen in een bruine envelop. Ook leverde de verzekeringsmaatschappij een set huisjes, een station, een kerkje en een molen, alles voorzien van irritant veelvuldige en veel te grote, gele ‘1845’-reclames. Niet alleen De Nederlanden, maar ook spaarbanken en andere grote kantoren deden aan de bouwplaatrage mee. Ik heb er nog van De Zeven Provinciën van het Lange Voorhout, de Rabobank en nog een aantal anderen. Als bouwplaat uitgevoerde Haagse gebouwen schieten mij verder zo te binnen: Riva-garage, Huis Huegetan (de vroegere KB) op het Lange Voorhout, Watertoren, ‘Het Wachtje’ en de Grote Kerk, allen van Guus Boudenstein. Verder het Westeinde-ziekenhuis, ministerie van VROM, De Volharding, WTC, Huis ten Bosch, Gevangenpoort en het Binnenhof inclusief Ridderzaal, etc.

Als kind zette ik die bouwplaatjes in elkaar door middel van knippen, randjes omvouwen en plakken. Sparen kwam later pas! Inmiddels was ‘het kartonnen bouwen’, als voorloper van de plastic modelletje, op volle toeren. Ik spreek over de periode 1955-1965. Uitgeverij Veritas werd een begrip, samen met Emsco, een drukkerij uit de Haagse Trompstraat. Prachtige plaatjes en pláten zagen het licht. Vooral die schepen van Veritas en vliegtuigen van Emsco bekoorden mij. Die werden aangeschaft voor bedragen vanaf 75 cent. Uiteraard zette ik alles toen in elkaar. Héél handig ben ik erin geworden. Het is zelfs zo dat als ik een bouwplaat onder ogen krijg, ik door er alleen maar naar te kijken als het ware het driedimensionale, kant-en-klare model al zie. Misschien is dat mede de reden dat ik ze al sinds jaren niet meer in elkaar zet, maar ze als tweedimensionale kunstwerkjes ben gaan zien. De laatste die ik overigens heb gebouwd is – ook al weer 15 jaar geleden – een model van Château de Chenonceau, over de rivier de Cher. Mijn moeder was daar helemaal weg van en ik wilde ook wel kijken of ik het nog niet verleerd was. Exact 20 uur kostte het, vier avondjes dus. Ze was er erg verguld mee en heeft er nog jaren plezier aan mogen beleven. Gelukkig zijn niet alle in elkaar gezette modellen tijdens de diverse verhuizingen gesneuveld. Er staan nog ergens een stuk of wat redelijk onbeschadigde schepen waaronder de prachtige kruiser ‘De Ruyter’. Dat blijft een beauty, evenals het model van ons vliegkampschip ‘De Karel Doorman’, maar die blijft voorlopig lekker plat! Respect voor de in 1977 overleden J. Berfelo die die Veritasplaten ontwierp. Hierop kan ik nu fijn aanhaken met de opmerking dat er in mijn woning inmiddels wel meer dan duizend bouwplaatjes en platen liggen opgeslagen. ‘De smaak ervan te pakken gekregen’, kan je wel zeggen. Spaarde ik aanvankelijk álles wat bouwplaat heet, inmiddels ben ik wel wat kritischer geworden. Voornamelijk nog architectuur, maar ook vaar-, vlieg- en voertuigen. Recente, als ze gewoon heel erg mooi of bijzonder zijn, en oude(re), als ze voor mij als verzamelobject interessant zijn. Daarbij kan je denken aan minder snel voorkomende en wat oudere pr-platen als Esso-tankers, Fokkervliegtuigen, benzinestations en treinstations. Ik begon m’n verzameling als jongeling toen ik in een kantoorboekhandel in Voorburg ergens onder de stellingen een stapel Veritasbouwplaten zag liggen die men vergeten was. Voor een vriendenprijsje mocht ik de hele stapel meenemen. Da’s een leuke start! Wat later in de tijd vond ik ergens een stapeltje bouwplaten op een onbestemde schaal van het oude station Delft. Geen uitgever of andere informatie erop. Een raadsel waar ze vandaan kwamen, maar wel heel mooi gedrukt. Het leek gebaseerd op een aquarel. Ook in de tachtiger jaren lag bij een klein curiosawinkeltje in de Frederikstraat een stapeltje antieke bouwplaatjes uit Frankrijk. In Epinal/Elzas zat een drukkerij die heel veel van die plaatjes uitgaf, veel ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling in Parijs uit 1880 met al die landenpaviljoens. Leuk om er een aantal te hebben. Maar ook een serie werkelijk práchtige, zeldzame architectuurplaten, uitgegeven door SOS-kinderdorpen in Griekenland en ontworpen door Ellie Anagnostopoulos, kon ik tijdens een vakantie op het hoofdkantoor in Athene op de kop tikken. De passagiers in het vliegtuig keken verbaasd naar die stapel op m’n schoot!

Tegenwoordig is de kartonnen bouwplaat weer aan een revival bezig. Japanse, Tsjechische, Russische en Poolse ontwerpers zijn inmiddels beroemd. Het lijkt wel of die aan de lopende band vliegtuigen, schepen en (militaire) voertuigen op papier/karton zetten. Wat een detail en mooie pasvorm. Ook de Engelsen zijn niet stil blijven zitten, maar die ken ik vooral van de treinenschaal ’00’ (dubbel-nul ofwel 1:76). Ietsje groter dan de bekende schaal H0 (Half 0). Maar hun prachtige huizen en gebouwen misstaan niet op een mooie scenerytreinbaan! Wat me daarbij opvalt is dat de Engelse bouwplaten nauwelijks witte ruimtes tussen de afbeeldingen hebben en alle afbeeldingen heel precies in elkaar hebben geschoven terwijl Nederlandse platen de afbeeldingen vaak nogal royaal over het papier verdelen. Kortgeleden zat ik verlekkerd te kijken naar een Thaise bouwplaat van onze roemruchte Fokker G.1. jager uit de meidagen 1940, bijgenaamd ‘de maaier’. Kortom; het is een internationaal gebeuren geworden.

In dit latere deel van mijn leven is de bouwplatenhobby aan het uitkristalliseren. Niet meer kritiekloos uitbreiden, maar gericht zoeken naar aantrekkelijke of bijzondere platen. Juist die oude platen die soms nog ergens onder het stof liggen; dáár wil ik graag op stuiten. Wat een vreugdesprong zou ik maken als ik nog eens zo’n bouwplaat mocht vinden als bijvoorbeeld die van het Vredespaleis! Die ontbreekt echt nog in de verzameling! Het is leuk om deze interesse te kunnen delen. Er valt altijd wel aan ervaringen en tips uit te wisselen, elkaar op speciale uitgevers wijzen of platen ruilen; er is genoeg te delen. En bij de echte verzamelaar hangt die héle bijzondere of héle mooie in een lijst aan de muur. Puur genieten is dat!

Rob Stappers
rob.stappers@oriste.dds.nl

Foto: collectie V. Stittelaar (www.mypeacepalacecollection.com)

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann