Kloosterkerk aan Lange Voorhout 2 (1949). Foto: collectie Dienst Stedelijke Ontwikkeling

Open brief aan Gijs (Gilbert) Creutzberg

Beste Gijs, want zo ken ik je nog. Hoewel ik je boek over ‘Het mozaïek’ nog niet gelezen heb, riep het artikel van Hans Lingen toch enkele herinneringen bij me op.

Mijn ouders, ik en mijn zes broers en zussen waren aan het eind van de dertiger jaren trouwe bezoekers van de Duinoordkerk. Ik was toen nog jong, in 1939 zeven jaar. Behalve mijn tweelingzus waren al mijn broers en zussen een stuk ouder. Jij, Gijs, zult je ze misschien nog wel herinneren, want ook de persoonlijke banden tussen onze families waren goed.

Onvergetelijk voor mij was die keer, we woonden nog aan de Thomsonlaan, dat je moeder op bezoek kwam met haar nieuwe FIAT-auto. Wij, de tweeling, mochten mee een ritje maken. Misschien de eerste keer dat ik in een auto zat. En je moeder was een wilde, ze zigzagde over de toen nog stille lanen en straten. En wij genoten natuurlijk.

Over de preken van je vader weet ik niets meer. Wel over die van zijn opvolger, ds. Kwint. Inderdaad was deze gedreven dominee zeer anti-Duits, in de jaren die volgden. De kerkgemeente was inmiddels verhuisd naar de oude vervallen Kloosterkerk. Pas na de oorlog zou die worden gerestaureerd. Over belangstelling had de kerk niet te klagen, bijna altijd waren alle plaatsen bezet. Mijn ouders hadden gereserveerde plaatsen, maar je moest wel op tijd zijn. Als het lichtje boven de preekstoel aan ging, mocht iedereen overal gaan zitten.

Een zondag, toen weer honderden geallieerde vliegtuigen over vlogen, met hun bommen op weg naar Duitsland, vergeet ik niet gauw. De toestellen werden hevig beschoten door het Duitse afweergeschut. Granaatscherven kletterden in de Parkstraat neer. Maar wij liepen gewoon door, de dienst begon immers om tien uur.

Wat dominee Kwint, behalve zijn dappere houding ten opzichte van generaal Seyffardt nog meer voor verzetswerk deed, weet ik niet, daar werd natuurlijk niet over gesproken.

Wel had hij bepaalde contacten, onder andere met Ru Paré, de schilderes en verzetsheldin, die tientallen joodse kinderen redden. Tijdens zo’n contact schijnt Kwint haar de naam van mijn ouders te hebben gegeven. Het gevolg was dat wij een aantal joodse onderduikkinderen in huis kregen.

Legerpredikant
Na de oorlog was de jeugd-Duinoordkerk tijdelijk gevestigd in de aula van het Gemeentemuseum, toen nog in het Spergebied. En als eerste dominee kwam daar Blanson-Henkemans, een legerpredikant van de Prinses Irene-brigade. Als jongen vond ik het geweldig dat hij in het begin in zijn militaire uniform preekte!

Fred Zorn
frederikzor@gmail.com

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann