Bouw overdekte markthal in Wagenstraat in 1884

Onlangs ontving ik van de heer Ben Koster uit Lelystad een oud aandeel van 1.000 gulden van de ‘s-Gravenhaagsche Markt-Maatschappij. Het was de bedoeling in 1883 om de alom vertrouwde Haagse markt aan de Grote Markt, hoek Prinsegracht, onder te brengen in een overdekte markthal. Bij de uitwerking van de plannen was met verschillende zaken geen rekening gehouden: de Haagsche Courant, het publiek en de markthandelaren.

Einde negentiende eeuw werd een begin gemaakt met de opbouw van de Haagse binnenstad, zoals hij er nu uitziet.

De wirwar van kleine, eeuwenoude straatjes met krakkemikkige huizen tussen Spui en Wagenstraat werd gesloopt en moest deels plaatsmaken voor nieuwbouw.

Het centrum begon zich uit te breiden naar de Wagenstraat. Deze lange hoofdstraat liep van de Wagenbrug naar de Venestraat en was aan weerskanten bebouwd met huizen, stallen, pakhuizen en robuuste winkelpanden. De gebouwen telden twee etages, zoals op de foto goed is te zien.

Scala
De Markt-Maatschappij had het idee om in navolging van Parijs en Brussel een grote overdekte Markthal te bouwen, die het voor het winkelende publiek mogelijk maakte om bij weer en wind boodschappen te doen. Het gebouw kwam op de plek van de huidige parkeerplaats van de Bijenkorf te staan op de hoek van de Gedempte Gracht. Oudere Hagenaars zullen het gebouw nog herinneren als het fameuze Scala-theater.

Het fraaie gebouw van de overdekte markt opende op 1 februari 1884 zijn deuren. Burgemeester Jacob Gerard Patijn (1836-1911) verrichtte om één uur de opening met een korte toespraak, waarin hij vurig wenste dat ‘de neringdoenden en het publiek met deze openbare handelsplaats gebaat zouden zijn’. Hoe anders zou het lopen: de overdekte markt werd reeds in 1891 opgeheven, terwijl het schitterende gebouw bleef bestaan en later de bestemming van theater kreeg.

Vogeltjes
Het gebouw was een groots opgezette kooptempel, waarin zowel winkels als staanplaatsen aan handelaren werden verhuurd. De boven- en benedengaanderijen waren op de openingsdag met bloemen versierd en ook de borstbeelden van het koningspaar ontbraken niet. Het solide gebouw met monumentale voorgevel was een schepping van de Rotterdamse bouwmeester Jan Christiaan van Wijck. De toegangsdeur was klein, maar eenmaal binnen, had het kooplustige publiek een grootse ruimte tot zijn beschikking, chique ingericht compleet met fonteinen, waar van alles te koop was. Van vogeltjes tot bloemen, vruchten, snuisterijen en andere minder noodzakelijke voorwerpen. Een aanwinst voor de drukke volkswijk, maar het winkelende publiek bleef weg. Het bleek te duur.

Sluiting
Om de loop er een beetje in te krijgen, wilden de eigenaren verplaatsing van een deel van de Haagse markt naar de markthal. Dat had voor iedereen voordelen. Minder verkeersdrukte op de Prinsegracht en overdekt winkelen. De handelaren kregen een staanplaats tegen een gereduceerd tarief en de gemeente werd gecompenseerd, zodat ze het staangeld niet misliep. Uitgerekend de pas opgerichte Haagsche Courant was mordicus tegen dit voorstel. De krant vreesde opstoppingen, en een chaos, waar het publiek geen enkel belang bij had. Bovendien konden lang niet alle kraampjes geherbergd worden in de markthal en zou het publiek de gezelligheid op straat missen. De krant, zelf bureauhoudende tegenover de markthal, zag deze drukte liever niet voor zijn eigen deur. De gemeente ging niet akkoord met de overplaatsing, wat uiteindelijk de sluiting van de markthal inleidde.

Het verlies liep op naar enkele duizenden guldens in 1885. De deuren gingen enkele jaren later dicht.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann