Opel Kapitän (1960)

Ik herinner mij nog goed dat er aan de Carel Reinierszkade, waar ik toen woonde, op het portiek van mijn vriendje Freddy Werner en dat was hetzelfde portiek waar Carel Goseling die ook wel eens voor deze krant schrijft, woonde, zij een buurman hadden die eigenaar was van een Opel Kapitän uit die jaren. Het bijzondere was, althans dat vond ik, dat als hij de Opel gestart had, hij hem minstens vijf minuten stationair liet draaien voordat hij uiteindelijk met een slakkengangetje wegreed.

Wat een lel van een auto was dat trouwens. Een kleine vijf meter lang en een kleine twee meter breed. Een model dat geïnspireerd was door de mode van Amerikaanse auto’s, waarbij de voorruit doorliep naar de zijkant en daar in een punt eindigde. Veel eigenaren zullen daar vaak hun knie tegen gestoten hebben. Ook de achterruit maakte een kromming naar de zijkanten. Een fraai beeld dat deze Kapitän typeerde. Aan chroom ook geen gebrek op dit model. Fraaie smalle en vooral brede grille, uiteraard van glanzend chroom met in het midden het forse Opel-logo. Een familiegezicht dat ook de Opel Rekord had in die jaren.

Het interieur was natuurlijk ook helemaal geënt op comfort. Mooie two-tone bekleding in een combinatie van wit en zwart. Flinke zetels met verstelbare rugleuningen. Een mooi wit stuur dat een fors eind het interieur in kwam, met ook naar Amerikaans voorbeeld een wat lager liggende naaf had, waarschijnlijk om veilgheidstechnische redenen, maar wel voorzien van een elegante chromen, aan de bovenkant afgeplatte, claxonring. Daarachter een apart gevormd versnellingshendel, een stuurslot en daarachter het brede dashboard met bovenin de lintsnelheidsmeter die gebruikelijk was voor die tijd. Maar die van Opel was wel heel bijzonder, want dat lint verkleurde bij bepaalde snelheden van groen naar oranje naar rood. Daaronder links de benzinemeter en rechts een analoog klokje met daartussen een viertal info-lampjes. Knoppen waren ergonomisch verdeeld over het dashboard, met in het midden natuurlijk de radio met korte-, lange- en middengolf.

Het meest briljant vond ik de contactsleutel die standaard voorzien was van een kunststof hoesje, waar je de sleutel in kon draaien en doormiddel van de puntige bovenkant van de sleutel ook weer makkelijk kon uitdraaien. Dit was ter bescherming van de broekzak. Helaas heb ik deze sleutel met het hoesje nooit kunnen toevoegen aan mijn sleutelverzameling uit die tijd, maar dat terzijde.

Aan ruimte geen gebrek in deze Kapitän. Niet achterin en zeker niet in de bagageruimte. Tja, rijden met deze Opel was natuurlijk een apart verhaal. Door de forse overhang voor en achter en comfortabele vering was bochtenwerk een Duinrell-ervaring en had Opel niet ten onrechte het imago van rijden als ‘een natte dweil’ wat de wegligging betrof, maar desalniettemin een imposante auto.

John Vroom (autojournalist)
johnvroom@planet.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann