Luchtvaarttoernooi op Ypenburg in 1945

Het tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers onbruikbaar gemaakte vliegveld Ypenburg werd na de Duitse capitulatie in mei 1945 door de N.V. Grondmaatschappij Ypenburg voortvarend weder opgebouwd. Een en ander had tot gevolg dat al op 1 juni 1945 het Opkomstdepot Luchtstrijdkrachten op Ypenburg huisvesting kon vinden. In dat depot werden oorlogsvrijwilligers gekeurd en geselecteerd die zich hadden aangemeld voor de strijd tegen Japan, waar de Tweede Wereldoorlog nog voortduurde, en later voor uitzending naar Nederlands-Indië. Als commandant van het vliegveld trad destijds de marineofficier, kapitein-luitenant ter zee W.J. Reynierse op. Samen met de Britse Air Vice Marshal (generaal-majoor) E. Hudleston, zou hij de organisatie ter hand nemen van het eerste naoorlogse vliegfeest dat op zaterdagmiddag 15 september 1945, van 14.00 tot 17.00 uur, op Ypenburg plaatsvond.

Dat vliegfeest was het door de Britse luchtmacht, de Royal Air Force (RAF), georganiseerde ‘luchtvaarttoernooi’ wat door tienduizenden mensen uit Den Haag, de Haagse regio en daarbuiten bezocht werd. De reden om dit vliegfeest te organiseren was dat vijf jaar daarvoor de beroemde Slag om Engeland, de Battle of Britain, was uitgevochten. Deze luchtslag tegen de Duitse Luftwaffe was door de formidabele inzet van Supermarine Spitfires en Hawker Hurricanes door de Engelsen en hun bondgenoten gewonnen en dat werd op die 15e september overal in Groot-Brittannië en daarbuiten herdacht. En dus ook op Ypenburg.

Een tweede reden was dat de RAF ondermeer de fatale vergissing wilde herdenken die op 3 maart 1945, dus zes maanden eerder, was gemaakt met het bombardement op het Haagse Bezuidenhout. Daarbij kwamen bijna 600 Haagse burgers om het leven en raakten circa 250 mensen al dan niet zwaargewond. Bovendien verloren duizenden hun huis.

Door de entreegelden van de vliegshow te bestemmen voor de Nederlandse slachtoffers van luchtaanvallen en dus ook van het bombardement op 3 maart hoopte de RAF de ernstigste (financiële) nood te ledigen. Voor de gedupeerden van het bombardement op het Bezuidenhout werd trouwens nog iets extras gedaan. Er werden twee bijzondere briefkaarten uitgegeven met een extra toeslag van een gulden. De verkoopopbrengst zou ten goede komen van deze slachtoffers.

Reclame
Voor de show op Ypenburg waar een paar honderd vliegtuigen, variërend van jachtvliegtuigen tot bommenwerpers, aan deelnamen was in onder meer in Het Parool en de Nieuwe Haagsche Courant, middels advertenties, reclame gevoerd. Dat ging met teksten als: “Gierende Typhoons boven Ypenburg. Kom ze zien, de Spitfires die de Duitsche luchtvloot decimeerden, de Lancasters, die den vijand in zijn hol aanvielen, de doodelijke rocket-firing Typhoons, de geheimzinnige Helicopters.” Heli’s verschenen helaas niet, maar dat mocht de pret niet drukken.

Velen maakten de gang naar Ypenburg ondanks de voor die tijd, zo kort na de oorlog, gepeperde toegangsprijzen die varieerden van twee gulden voor een staanplaats, via vijf tot tien gulden voor een gereserveerde zitplaats, tot 25 gulden voor een plaats op de eretribune. Deze toegangskaarten waren ondermeer verkrijgbaar bij de bureaus van dagbladen zoals Het Parool en Trouw en bij de informatiebureaus op de stations van Den Haag, Amsterdam, Rotterdam, Leiden, Utrecht en Haarlem. Om het grote publiek te attenderen op de luchtshow, werden overal posters opgehangen en zelfs strooibiljetten boven Nederland uitgeworpen terwijl belangstellenden nadere mededelingen over dit spektakel konden volgen in de pers of via de radio in onder meer het programma voor wat toen nog genoemd werd de Nederlandsche strijdkrachten. Mocht de vliegshow door slecht weer niet door kunnen gaan dan zou het toernooi een dag later, dus op zondag 16 september, plaatsvinden. Dit zou dan door Radio Herrijzend Nederland op 15 september, vanaf acht uur ’s morgens, bekend worden gemaakt met ieder uur een herhaling van het bericht.

Massale opkomst
Het destijds bekende luchtvaarttijdschrift Vliegwereld meldde in haar editie van 1 oktober 1945 dat de show, waar ook het in 1943 in Engeland opgerichte Nederlandse 322 Squadron aan deelnam en dat zelfs het luchtvaarttoernooi mocht openen, op het publiek had gewerkt als een magneet. “Een massale menschenmenigte kon de aantrekkingskracht van de RAF bij de eerste, groote luchtvaartgebeurtenis in oplevend Nederland geen weerstand bieden en vulde de wegen naar het vliegveld nabij Den Haag. Het gaf een ouderwetsch idee van vooroorlogsche welvaart. Zijn er werkelijk nog zoveel auto’s in ons lieve vaderland? Het verkeer, soms wel vijf rijen dik, zat af en toe behoorlijk vast. Maar ergernis daarover was er niet, immers wat hebben we dit lang moeten ontberen!”

Maar waar halen zij de benzine vandaan, vroeg een journalist van de dagbladpers zich af. Deze verslaggever was, naar eigen zeggen, in een Ford naar Den Haag gesneld. Citaat: “M’n collega, de fotograaf in de dickey-seat, getooid met Engelse vliegerkap. We waren dus al aardig in stijl. Dat we pech hadden onderweg was haast vanzelfsprekend. Ik zal u echter die belevenissen, die een roman op zich zelf zijn besparen. We kwamen op Ypenburg aan, dat was het voornaamste. Tussen een file van duizenden mensen belandden we op het vliegveld. Ontelbaren waren gekomen om van het grootse schouwspel te genieten. In auto’s, op motorfietsen, op anti-plof (?) en in open landauwers.”

Een fraai programma
Het tijdschrift Vliegwereld gaf een enigszins kritische maar toch verder lovende beschouwing over het toernooi: “Het was de moeite waard en bood de gelegenheid om een nader kennis te maken met het modernste oorlogsmaterieel. Wat ons alleen kon spijten was het feit dat er geen hélicoptères aanwezig waren, waarvan de komst ons aanvankelijk toch wel beloofd was. Maar ook zonder dat was het programma gevarieerd en treffend genoeg om enkele tienduizenden toeschouwers een paar uur lang aangenaam bezig te houden. Zoo nu en dan was het weer even volop oorlog daar op Ypenburg en al zullen vele der aanwezigen het bestoken van gronddoelen door Typhoons ook in den werklijken oorlog meermalen hebben meegemaakt, ditmaal werden ze niet door angstwekkend sirenegehuil binnenshuis gejaagd en zelden zal men de uitwerking dan ook zoo rustig hebben kunnen gadeslaan.” De bezoekers kregen dus waar voor hun geld niet alleen vanwege de uitgevoerde duikaanvallen op gronddoelen en de ‘bombardementen’ op oude auto’s maar ook omdat zij tijdens deze luchtshow voor het eerst kennis konden maken met een nieuw fenomeen, de Gloster Meteor jagers met straalaandrijving. De snelheid waarmede deze toestellen over het veld joegen was haast angstig aldus Vliegwereld.

In de loop van de middag, tegen vier uur, werd de aandacht van het publiek afgeleid toen op het (nog altijd bestaande) stationsgebouw de koninklijke standaard werd gehesen en het Wilhelmus werd gespeeld. Dat betekende dat koningin Wilhelmina was gearriveerd die een deel van het programma wilde bijwonen. Zij was vergezeld door een deel van haar hofhouding zoals ondermeer mevrouw L. Th. de Beaufort – baronesse van Hardenbroek, freule D.H. van Tets (hofdames) en haar adjudant kapitein mr. J.C. Bührmann.

Op het platform voor de gebouwen van Ypenburg werd de koningin niet alleen begroet door de Engelse gezant sir Neville Bland, Air Vice Marshal Hudleston en andere hoge Britse officieren, maar ook door de commandant van Ypenburg Reynierse. Na de inspectie van de erewacht nam de vorstin, op het dak van het stationsgebouw waar een eretribune was ingericht, plaats te midden van een groot aantal hoogwaardigheidsbekleders zoals minister-president prof. ir. W. Schermerhorn, de minister van Buitenlandse Zaken mr. E.N. van Kleffens en de minister van Oorlog J. Meynen. Ook de laatste gouverneur-generaal van Nederlands-Indië, jhr. A.W.L. Tjarda van Starkenborch Stachouwer, die kort daarvoor uit Japanse gevangenschap in Nederland was teruggekeerd en de ambassadeurs van Groot-Brittannië en de Verenigde Staten waren aanwezig.

Het luchtvaarttoernooi was een waardig slot van de tentoonstelling die van 18 augustus tot en met 15 september 1945 in de Bijenkorf aan de Haagse Grote Marktstraat was gehouden over de Royal Air Force en de Amerikaanse luchtmacht, de United States Army Air Force.USAAF). Deze tentoonstelling, met de naam Vleugels der Victorie, trok niet alleen bijna 190.000 bezoekers maar genoot ook veel belangstelling van het koninklijk huis. Zo was prins Bernhard betrokken bij de voorbereidingen en koningin Wilhelmina opende de tentoonstelling. Vervolgens verhuisde deze tentoonstelling naar het filiaal van de Bijenkorf in Amsterdam. Daar werd gewisseld met de sinds de zomer van 1945 gehouden tentoonstelling over het (ondergrondse) verzet. Die tentoonstelling kwam vervolgens naar de Haagse Bijenkorf.

Het luchtvaarttoernooi zou de opmaat vormen voor de Internationale Luchtvaart Shows Ypenburg (ILSY’s) die in latere jaren veel publiek trokken.

Wim Lutgert
wlutgert@planet.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann