Rien van Anrooij: ‘Het was een mooie rit’

Op 15 april 1928 wordt Marinus ‘Rien’ van Anrooij geboren. Het is de tweede zoon voor vader Jozef van Anrooij en moeder van Anrooij-Wittenberg. Een ouder broertje Joop, geboren in 1925, zal slechts 11 jaar oud worden nadat hij overlijdt aan de gevolgen van een acute blindedarmontsteking.

Vader Van Anrooij heeft in die tijd een goedlopende dameskapsalon op het hoekje van de Tramstraat te Loosduinen.

Rien ziet het kappersvak echter niet zo zitten. Ook school is niet altijd favoriet. Liever is hij ’s winters aan het kunstschaatsen op de bevroren sloten en plassen bij Ockenburgh of, nóg leuker, aan het sleutelen aan brommertjes en motoren. Als er maar wielen onder zitten gaat zijn hart sneller kloppen. Tijdens de oorlogsjaren lukt het hem om een motor op zolder verborgen te houden, terwijl in die tijd alle soorten tweewielers in beslag worden genomen door de bezetters. De rustige en wat verlegen Rien is echter niet bang uitgevallen en als pa en ma aan het werk zijn rijd hij er gewoon op, binnenshuis, van de ene slaapkamer naar de andere!

Techniek, auto’s, motoren daar draait het allemaal om en Rien leert het vak in de praktijk bij Henk Vink in Maasland en bij de befaamde Eysink Fabriek te Amersfoort; het eerste Nederlandse automerk dat alles volledig zelf maakt, inclusief motoren, en waar in 1897 de eerste Nederlandse auto is gebouwd. Het ondernemersbloed zit er vroeg in en al snel is Rien ‘voor zichzelf’ bezig met het sleutelen aan brommers en motoren in een oud schuurtje vlakbij zijn vaders kapsalon in de Tramstraat.

In Loosduinen leert hij ook Toosje Pols kennen en de vonken slaan over. Toos gaat met hem mee, achterop de motor. Door weer en wind, zelfs hagelstenen in haar nieuwe laarsjes kunnen de liefde niet doen afkoelen! Samen gaan ze naar de TT in Assen waar Rien al eerder eens aan de start verscheen zonder dat zijn ouders het wisten. Tot het moment dat pa en ma een keer nietsvermoedend gingen kijken bij zo’n motorrace en ze daar plotseling zijn naam door de speakers over het hele circuit hoorden galmen omdat hun zoon uit de bocht was gevlogen en in de strobalen was beland.

Samen brengen Toos en Rien heel wat tijd door en hoewel Rien het steeds drukker krijgt met zijn gemotoriseerde tweewielers kan hij niet zonder zijn Toosje. Het gelukkige stel trouwt op 18 maart 1953.

Hoewel de zaken steeds beter gaan is het voor veel gezinnen in die jaren niet allemaal even rooskleurig. Ook Rien en Toos hebben het niet makkelijk. Er zijn dagen dat Rien tot zijn enkels in het regenwater tot laat in de avond staat te sleutelen. Toos zorgt echter dat er een lekker warm prakkie op hem staat te wachten. Echte liefde! En al snel is er dan ook sprake van gezinsuitbreiding. Op 28 september 1954 wordt Joop geboren, vernoemd naar Rien’s overleden broertje.

Het schuurtje is dan inmiddels te klein geworden voor Rien. Op de Loosduinsekade in Den Haag vindt hij wat hij zoekt; een pand met voldoende ruimte om zich te specialiseren in de handel en reparatie van motorvoertuigen. Zijn droom komt uit en de firma Van Anrooy & Zn. is een feit!

Het zijn goede jaren en het loopt allemaal gesmeerd. Rien en Toos zitten niet stil en naast de opening van een Service-Benzine-Station aan de Loosduinsekade 145 krijgt Rien steeds meer ruimte tot zijn beschikking. Hij is voortdurend aan het verbouwen en uitbreiden. Het gezin is inmiddels ook verder uitgebreid met een lief zusje voor Joop. Naast moeder Toos maakt kleine Toosje het geluk nu compleet.

Daar op ‘de Kade’ is het inmiddels een drukte van belang. Dat zaken en plezier hand in hand kunnen gaan bewijst het gezin dag in dag uit. Rien is ondernemend en zorgt samen met zijn Toos goed voor zijn personeel. Boven en naast de winkel staan regelmatig huizen leeg die Rien vervolgens koopt en opknapt zodat zijn medewerkers met hun gezinnen daar eventueel kunnen gaan wonen. Ook voor familie staat de deur altijd open en die vinden op de Kade bij Toos en Rien een luisterend oor en wanneer dat nodig is soms ook nog geschikte woonruimte. Dat het gezin geliefd is, blijkt wel bij de heropening op 30 september 1960 als de zaak tijdens een feestelijke receptie wordt omgetoverd in een waar bloemenparadijs waar honderden relaties blijk geven van hun belangstelling en bewondering.

De manier van werken blijft niet onopgemerkt en wordt gewaardeerd in de buurt. Het is begin jaren zestig, iedereen kent elkaar en deals gaan vaak in goed vertrouwen: ‘Bij Rien kun je ook op afbetaling een mooi brommertje kopen!’ Rien komt zelfs weleens thuis met een koelkast of een grammofoonspeler als aanbetaling op een brommer of scooter. Het schijnt dat er zelfs een keer een bontjas is ingeruild door iemand die graag een motor wilde kopen maar daar was diens vrouw toen minder blij mee!

Aan de overkant op de Loosduinsekade gaat Han van der Blij rond 1963 onder de naam HVB Racing Car Productions van start met de productie van raceklasse auto’s Formule Libre/Specials. Inmiddels is Van Anrooy & Zn. omgedoopt in ‘Het Haags Motorpaleis’ en de naam Van Anrooy mag dan wel van de gevel verdwenen zijn maar staat nog altijd goed bekend. Rien denkt samen met monteur Bertus De Jong mee over de technische uitvoering maar zal vooral de verkoop van deze speciale HVB raceauto’s voor zijn rekening nemen. De basis van deze wagens is een naadloos buizenframe met onafhankelijke wielophangingen voorzien van KONI schokdempers. De krachtbron is een BMW 700 cc motor uit de coupé versie. De bedoeling is om deze auto’s in serie te gaan maken en als bouwpakket aan te bieden. De bekende autocoureur Toine Hezemans, die een paar jaar later o.a. de 24 uur van Le Mans op zijn naam zet, wint met deze HVB auto bij zijn debuut op vaderlandse bodem.

Een ander hoogtepunt is Koninginnedag 1965. Er rijden dan op Soestdijk drie HVB wagens mee in het defilé voor koningin Juliana en haar familie. En één van de wagens wordt die dag bestuurd door… moeder Toos! Een moment van landelijke bekendheid. In totaal zijn er uiteindelijk zeven van deze auto’s geproduceerd en voor zover bekend is er op dit moment één gelokaliseerd. Mocht iemand meer informatie hebben over deze bijzondere wagens, horen we dit uiteraard graag via onderstaand mailadres.

Dat harde werken kent echter ook een keerzijde. Rien tobt met zijn gezondheid. Hij lag al eens een tijd in het ziekenhuis voor zijn nieren en ook zijn bloeddruk en hart hebben nu te lijden onder de hoge eisen die hij aan zichzelf stelt.

Ze wonen in die periode op een knus flatje in Kijkduin. Door wat verder bij de zaak vandaan te gaan wonen probeert het gezin wat ontspanning te vinden naast de drukke werkzaamheden. Op Kijkduin wordt in 1967 de Benjamin van het gezin geboren. Althans, eigenlijk zou hij Peter gaan heten, naar de dirigent en componist Peter van Anrooy, maar de kraamzuster vond dat het Benny moest worden.

Ze genieten daar in Kijkduin van hun flatje en van de omgeving en hebben het goed. Op zondag is het vaak een zoete inval als de vele broers en zussen van Toos met aanhang en neefjes en nichten op visite komen. Ook heeft het gezin inmiddels een aantal goede vriendschappen overgehouden aan de zaak. Met de familie Geluk spreken ze regelmatig af en de gezinnen gaan samen op vakantie. Ook met de familie Van der Vlugt uit Naaldwijk bouwen ze een hechte vriendschap op. Dit zullen ‘vrienden voor het leven’ blijken en deze vriendschappen worden door de jaren heen als waardevoller ervaren dan de behaalde zakelijke successen.

Rien heeft naast de techniek ook al heel vroeg interesse in foto en film. Nu hij min of meer verplicht gas terug moet nemen schiet hij heel wat rolletjes vol en er zijn stapels dia’s, fotoalbums en leuke filmbeelden van die tijd.

Helaas moet Rien het nu echt rustiger aandoen en op doktersadvies verhuizen ze eind jaren zestig naar het Westland, naar Monster. De zaak verhuurt hij inmiddels en op de gevel staat nu ‘Het Haags Motorcentrum’. Het loslaten hiervan kost hem veel moeite maar het advies van de dokter is niet voor niets. Hij slikt medicijnen tegen hoge bloeddruk en mag zich vooral niet te druk maken. Men denkt zelfs even dat het nog ernstiger is en de artsen vrezen voor zijn leven. Gelukkig steunt Toos hem en ze zorgt goed voor haar mannetje en de drie kinderen.

Vlak na het verhuren van de motorzaak krijgt de verkoop van motorfietsen en accessoires begin jaren 70 een flinke boost doordat de Japanse motorindustrie de markt verovert. Niet alleen zuur voor de Europese gevestigde orde maar ook voor Rien. Hij twijfelt, ondanks zijn gezondheid, of hij wel de juiste beslissing heeft genomen en soms vraagt hij zich af of hij niet wat langer aan het roer had moeten blijven. \Uiteindelijk krijgt hij door deze ‘gedwongen’ beslissing wel wat meer tijd voor zijn hobby fotografie en samen met het gezin wordt genoten van de zomervakanties op de camping in Frankrijk. Rien blijft dol op techniek en kijkt graag op TV naar motorsport en Formule 1. Hij pakt zelf ook af en toe de motor, of stapt onverschrokken op het skateboard van zoonlief, of trekt een paar rolschaatsen aan om de kleinkinderen te laten zien hoe het ook kan.

De kinderen zijn inmiddels het huis uit en de fotohobby breidt zich uit. Rien stort zich op het verzamelen van oude fototoestellen en er worden regelmatig beurzen bezocht in Nederland en Duitsland. Liefst in gezelschap van zijn Toos en samen leggen ze heel wat kilometers af. Maar Rien en Toos zijn vooral gek op de kleinkinderen en het is een gezellige boel als die er zijn. Oma Toos zorgt voor pannenkoeken, er worden spelletjes gedaan, en de kinderen zitten regelmatig bij ‘opa Rinus’ op z’n rug om paardje te rijden. Apetrots zijn Rien en Toos en het huis hangt vol met foto’s van de kinderen.

Helaas wordt in 2001 prostaatkanker geconstateerd bij Rien en moedig ondergaat hij deze tegenslag. Hij blijft optimistisch en laat niet merken dat hij steeds meer last en pijn heeft. Niet mopperen maar gewoon doorgaan; ‘niet lullen maar poetsen!’ zegt hij dan, net als in de begindagen van zijn bedrijf.

Hij weet het met deze mentaliteit lang te rekken. Toos is zijn steun en toeverlaat en ze zorgt zo goed voor hem dat ze zichzelf weleens dreigt te vergeten. Helaas moet hij regelmatig opgenomen worden in het ziekenhuis en eind 2014 moet Rien naar een verzorgingshuis. Ook hier houdt hij zich moedig op de been met behulp van Toos en de kinderen. Zijn bijzondere, laconieke humor blijft hij gelukkig houden en op zijn verdieping klinkt regelmatig gelach van de zusters en artsen. Maar de finish is dan helaas al in zicht, zijn lichaam kan niet meer en op 16 januari 2015 moet hij zich gewonnen geven. Hoewel de specialisten er in de jaren zestig eigenlijk anders over dachten heeft zijn motortje het toch nog 86 jaar volgehouden.

Het was een mooie rit. Soms had hij wind mee, soms zat het tegen, er was wel eens een heuvel te beklimmen, of hij stond met pech langs de weg, maar opgeven deed hij niet.

En zo zijn ook de kinderen grootgebracht. En de kleinkinderen. En dat Rien zijn liefde voor techniek en fotografie heeft over weten te brengen blijkt uit het feit dat zijn kinderen en ook een aantal kleinkinderen motorrijden, oudste zoon Joop al jaren in de autobranche actief is, en een aantal kleinkinderen ook fanatiek, zelfs professioneel, met fotografie bezig zijn.

We zullen nog vaak aan hem denken.

Rien van Anrooy (15-04-1928 – 16-01-2015)

Benny van Anrooy
ben1967@caiway.nl
A
anvullingen: Joop en Toos van Anrooy

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann