Het verborgen hofje Rusthof aan Nagtegaalspad

Het Nagtegaalspad, dat we thans beter kennen als Parkstraat, was in de negentiende eeuw nog een simpele landweg, die Den Haag uitliep. Achter de Kloosterkerk stonden wat huizen, maar al gauw kwam je in de landerijen terecht, die al dan niet in handen waren van de koning.

Toen de percelen grond in 1831 werden aangekocht, stond de buurt niet bepaald als deftig bekend. Er stonden wat bouwvallige huisjes en een armoedig slofje, dat zo klein en vervallen was dat het nauwelijks opviel. In feite werd de buurt gesaneerd door de opkoop van het echtpaar Groen van Prinsteren. De nieuwe eigenaren konden met hun hofje hun eigen stempel drukken op de buurt en uit de gegadigden kiezen wie ze er wilden hebben wonen.

Hygiëne
Het hofje werd in 1831 gebouwd op initiatief van Betsy Groen van Prinsterer-van der Hoop (1807-1879). Het hofje bestond uit 31 éénkamerwoningen en een directiewoning. De meeste nieuwkomers waren oude(re) eenvoudige vrouwen, die ongehuwd waren, christelijk en beroepen hadden als dienstboden, naaister, schooljuffrouw, enzovoorts.

Het waren sfeervolle boven- en benedenwoningen rondom een aanzienlijke binnentuin waar de dames in de zomer met elkaar konden converseren. Het zou daarbij vooral over geloofszaken gaan, want spreuken en psalmteksten, die nog steeds in de muren staan gebeiteld, herinnerden de dames aan de ijdelheid van het leven. Het aantal ingeschreven gegadigden overtrof regelmatig het aanbod.

Vanouds liggen de huizen mooi in het groen en destijds roemde men de gezonde lucht en hygiëne in het hofje. Het hofje genaamd Rusthof bestaat nog steeds en nog immer biedt het comfortabele woongelegenheid aan enkele tientallen vrouwen.

Betsy
De ingang van Rusthof ligt aan het begin van de Parkstraat en heeft de St. Jacobus de Meerderekerk als buur, ofschoon tussen beide gebouwen nog wel enkele percelen staan. Via een lange gang kom je in de gemeenschappelijke tuin van Rusthof terecht, die 185 jaar geschiedenis met zich meedraagt.

Je proeft als het ware de tijdgeest, die oprichtster Betsy Groen van Prinsterer er in 1831 op slechts 24-jarige leeftijd heeft ingestopt. De weldoenster was een voorname, goedgeefse vrouw, die samen met andere vrouwen diverse initiatieven nam om tot verbetering van onderwijs en welstand te komen.

Naast het oprichten van Rusthof, stond ze ook aan de wieg van een bewaarschool en een naaischool.

Naaischool
Deze naaischool was trouwens een groot succes. Oorspronkelijk was het instituut klein behuisd, doch spoedig moest er naar een groter gebouw worden uitgekeken en kwamen ze voor nieuwbouw op Rusthof terecht.

Bijna een eeuw heeft de naaischool zijn vruchten afgeworpen in de vorm van jongedames die een uitstekende opleiding kregen tot naaister. Hiermee was het doel dat Betsy voor ogen stond bereikt: een betere toekomst voor de vrouw.

Het aantal aanmeldingen bedroeg soms honderd per jaar, waarmee gelijk de grens was bereikt. De meisjes kregen tijdens het naaien onderricht in de Bijbel, want de christelijke normen en waarden waren de leidraad in Betsy’s leven. Door de komst van de leerplicht nam het leerlingenaantal af. Ook nam het aantal verplichte leerjaren op de lagere school toe, waardoor de meisjes vanaf school vaak direct een baan zochten in de huishouding. Vervolgonderwijs schoot erbij in.

1930
In 1930 sloot de naaischool haar deuren, dat was vlak vóór het eeuwfeest van het hofje. Maar het gebouw maakt nog steeds deel uit van het idyllische Rusthof.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann