De Tweede Wereldoorlog

Ik ben in uw blad al veel boeiende verhalen tegengekomen over de oorlog. Hoewel ik de oorlog niet bewust heb meegemaakt, werd er bij ons thuis over gesproken en daarbij zijn verhalen die ik nog niet eerder ben tegengekomen, dus daarom het volgende.

Tijdens de dienstplicht was mijn vader, Sweitze Hoekema, sergeant bij de grenadiers geworden en daarom werd hij bij de mobilisatie opgeroepen. Hij lag op de Waalsdorpervlakte, maar kon vaak gewoon thuis in de Velpsestraat slapen. Hij werd bevriend met iemand uit zijn onderdeel, die in Holten woonde en daar bij de Coöperatie werkte. Deze man nodigde hem bij zich thuis uit en zei ook dat, als er oorlog kwam, Sweitze bij hem eten zou kunnen krijgen. Dat kwam later goed uit.

Tijdens de gevechten de eerste dagen van de oorlog, kwamen de Duitsers, die op Valkenburg geland waren, langs de Waalsdorpervlakte naar Den Haag en dus raakte Sweitze met zijn onderdeel bij de gevechten betrokken. Helaas heeft daarbij één soldaat het leven verloren en Sweitze moest dat aan de ouders vertellen. Hij vond dat een van de moeilijkste taken in zijn leven.

Na de gevechten konden de militairen naar huis en Sweitze werkte toen in het ziekenhuis Zuidwal op de administratie, maar hij werd ook technische noodhulp genoemd. Daarom hoefde hij niet naar Duitsland om te werken en kon hij gewoon thuis blijven. Mijn ouders zaten niet in het verzet, maar ze kenden wel iemand die er iets mee te maken had, diegene hielp met het vervalsen van persoonskaarten. Daarom werd aan mijn ouders verzocht om wapentjes uit te knippen, die op zo’n kaart voorkwamen.

Voedseltekort
Rond 1938 hadden ze een hond, Bobby, gekregen van een jood, die op tijd de problemen zag aankomen en emigreerde. Een paar jaar hadden ze veel plezier van deze hond. Maar zoals iedereen zal weten, kwam al gauw het voedsel op de bon en was er steeds minder eten, vooral in de grote steden zoals Den Haag. Daardoor hadden ze geen eten meer voor Bobby en hebben ze hem naar de slager moeten brengen, waar ze alleen bedongen dat ze zelf geen vlees van deze hond zouden eten. Het was dus een groot geluk dat Sweitze in Holten eten kon halen. Hij kon daar een tijd met de trein komen. Zijn vriend, die bij de coöperatie werkte, bleek echter toch niet gemakkelijk aan eten te kunnen komen, want de Duitsers hielden daar goed controle over. Maar hij kende wel veel boeren in de buurt, die wilden helpen. Op een keer had Sweitze niet-schoongemaakte hanen meegekregen, welke gingen stinken, waardoor de andere passagiers in de trein steeds vies naar hem gingen kijken en dus wisselde hij dan telkens van coupé. Een andere keer was er geen aansluiting van de trein en heeft hij onderweg in een hotelletje geslapen. Toen hij wegging, vroeg de herbergier of hij eten bij zich had. Hij ontkende dat natuurlijk. Maar de man zei: “Ik denk toch dat je eten bij hebt, pas op, ga niet rechtdoor, want daar wordt gecontroleerd door de Duitsers, maar loop om”. En hij wees hem de weg. Want je mocht geen eten smokkelen.

Sweitze is ook een keer wél gepakt. De NSB’er die hem meenam naar het bureau en daar tegen hem tekeer ging, werd weggeroepen en tijdelijk vervangen door een Nederlandse agent. Deze agent las waarom Sweitze daar was. Dat was voor eieren, maar Sweitze had ook nog een worst en een stuk kaas bij zich. Toen zei de Nederlandse agent: “Je zit hier voor eieren hè? Heb je bezwaar dat ik de rest meeneem voor mijn gezin?” Sweitze zei van niet, want hij was toch alles kwijt. Toen heeft die agent hem geholpen weg te komen.

Razzia’s
Zoals boven vermeld, hoefde Sweitze niet naar Duitsland om te werken. Hij had daar een bewijs voor en ook had hij een bewijs voor het behouden van zijn fiets. Maar toen de Duitsers arbeidskrachten te kort kwamen, werden er razzia’s gehouden om onderduikers te vinden en dan zouden ze hem ook meenemen. Daarom dook hij onder. Dat kon in het benedenhuis onder hen. Daar woonde een alleenstaande man, Spaan geheten, die kromme voeten had. Die hoefde dus niet bang te zijn dat de Duitsers hem meenamen. Hij kon gewoon thuis blijven. Sweitze en een vriend van de overkant gingen dan onder de vloer door een luik in een kast en Spaan legde zijn bijzondere schoenen op het luik.

Hierbij een tekening van Bram Tiggelman, zoals de situatie ongeveer was. Als de Duitsers kwamen zoeken, dan wisten ze dat er toch mensen verborgen konden zijn. Daarom schoten ze vaak door de grond om reactie uit te lokken. Gelukkig is dat altijd goed afgelopen. Tijdens de razzia’s deden de Duitsers de elektriciteit aan, om goed te kunnen kijken waar iemand of iets verstopt zat. Omdat er verder nooit elektriciteit was, gingen veel vrouwen dan strijken.
Op een keer bleven de Duitsers lang in de buurt hangen en Sweitzes vrouw, die erboven woonde, heeft toen een roggebrood naar beneden in de besloten achtertuin gegooid, want beneden was het eten op en zij had nog wat. Ook kon Spaan zich rustig op straat begeven en zo te weten komen of de Duitsers al uit de buurt weg waren.

Kerst 1944
Op Kerst 1944 werd ik (Anje) geboren in het Ziekenhuis Zuidwal, waar Sweitze werkte. Hij sliep daar toen onder zijn bureau. Ik ben ’s morgens om half 6 geboren, toen de zusters kerstliederen zongen.

Sweitze ging die middag dat goede nieuws aan zijn schoonzus vertellen. Daar hadden ze voor de Kerst een paar aardappeltjes bewaard om samen feestelijk op te eten en die stonden op de kachel om te warmen. Sweitze heeft toen gedachteloos van die aardappeltjes zitten eten en zei daarna dat hij weg moest om in het ziekenhuis te gaan eten! Zijn vrouw moest vanwege een aderontsteking wat langer in het ziekenhuis blijven, waar ze ook te eten kreeg.

Maar ook het ziekenhuis zat wat later zonder eten en Sweitze moest naar Groningen om aardappelen en erwtenbloem te halen. Daarvoor had het ziekenhuis een auto op gas, zie foto.

Onderweg stond ergens een man op de weg, die hen liet stoppen. Hij zei: “Wil je dood?” Nou, dat wilden ze niet en dus moesten ze van de man anders rijden, want op die weg werd geschoten.

Bezuidenhout
Ze zijn goed thuis gekomen. Na de bombardementen op het Bezuidenhout, waar zijn ouders woonden, kwamen die nog tijdelijk bij hen in wonen, maar de hele familie heeft de bevrijding gehaald.

Anje Hoekema
anjetig@gmail.com

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann