Naam Haagse wijk Ypenburg is al eeuwenoud

Wie over de oude naam Ypenburg praat, krijgt al gauw herinneringen op zijn netvlies van het oude vliegveld dat nabij de grens met Rijswijk heeft gelegen. Het kleine vliegveld dat ook in de Tweede Wereldoorlog zo’n belangrijke rol heeft gespeeld. Maar wat is er nog meer over bekend? Wat weten we van de ouderdom van de naam en het leven vóór het vliegveld? In mijn boek is de geschiedenis op een rijtje gezet.

Herinneringen aan het historische vliegveld zijn er legio. Op het van Rijswijk geannexeerde grondgebied is nog steeds het oude opgelapte luchthavengebouw te vinden dat menigeen herinnert aan de plezierige dagen uit vervlogen tijden. We denken dan vooral aan de indrukwekkende vliegfeesten die in de jaren vijftig werden gehouden. Inmiddels is het vliegveld passé en zijn er nog slechts straatnamen in de nieuwe wijk die herinneren aan het vliegveld.

Maar wat ontbreekt op de straatnaambordjes zijn namen van historische feiten die voorafgingen aan de roemruchte tijd van het vliegveld. Schijnbaar totaal vergeten is de periode dat op de plek van de huidige woonwijk een grote chique hofstede te vinden was, met dubbele toegangspoorten gelegen aan de Vliet. De imposante oprijlaan met 134 eikenbomen bevond zich nabij de Hoornbrug. Onderzoek in de archieven van Rijswijk en Delft heeft aangetoond dat de hofstede wel veertig hectaren groot was! In de 17e en 18e eeuw gingen steeds meer welgestelde inwoners van Delft en Den Haag in de zomer in de gezonde buitenlucht wonen. In de steden was de stank van de grachten vaak wekenlang ondragelijk. Niet zo verwonderlijk want in feite waren de grachten een open riool waarop alles dat overbodig was werd gedumpt. Langs de Vliet verscheen het ene landgoed na(ast) het andere.

De eerste keer dat we de naam Ypenburg tegenkomen is in een belastingkohier uit 1606. Het werd toen als Ipenburch geschreven volgens de ongereglementeerde spelling van die tijd. De kleine woning in de pas drooggelegde Oude en Nieuwe Broekpolder, werd alsmaar groter door verbouwingen. Uiteindelijk stabiliseerde het grondoppervlak, maar veranderde de hofstede geregeld van uiterlijk. Doordat het gebouw in 1887 dermate in verval was geraakt moest het worden gesloopt. Foto’s of tekeningen van het oude landgoed zijn nog niet boven water gekomen, waardoor een exact beeld van het geheel niet mogelijk is. Wél is er een indrukwekkende beschrijving overgeleverd, waarin de kamers van het twee verdiepingen tellende landhuis worden beschreven.

Het toeval wil dat het pand weinig van eigenaar is gewisseld. De hofstede kwam vaak door vererving in andere handen. De voorname regentenfamilie Van Beresteijn heeft er in eerste instantie gedurende enkele generaties op gewoond. Cornelis van Beresteijn had het er zo naar zijn zin, dat hij het zelfs tot zijn hoofdverblijf had verheven toen hij er in 1716 overleed. Het huis bezat een imposante bibliotheek. Ook de voorname Rijswijkse familie Van Vredenburg heeft er huis gehouden. Gerard van Vredenburg had de universiteit doorlopen en interesseerde zich voor een heleboel zaken rondom Ypenburg. Hij schrijft daar uitvoerig over in zijn dagboekfragmenten, die bewaard zijn gebleven. Uiteindelijk is hij ook degene die het landgoed verkoopt, omdat het rendement niet boven de schamele 3 procent uitkwam. In 1759 verkocht hij Ypenburg aan raadspensionaris Pieter Steijn.

Meer historische feiten over het voormalige landgoed Ypenburg in het boek Boeren op Ypenburg – ontstaan en vergaan van de hofstede Ypenburg door F.J.A.M. van der Helm.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann