Uitgaan in het Den Haag van de jaren 60, 70 en 80

Het begon eigenlijk in de jaren vijftig: jongeren die zich af gingen zetten tegen de maatschappij, maar het barstte pas echt los in de jaren zestig. Toen ontstonden er jongerenculturen met Provo’s, Nozems en Hippies. In de jaren zeventig kwamen er nog veel meer bij, maar de hippiebeweging kwam pas echt op gang in de jaren zeventig. Daarnaast had je ook de Punkers, de Skinheads, Rasta’s en Disco’s. En de jaren tachtig dan? Toen zagen we schoudervullingen, paardenstaarten, dansten we op de hits van Lionel Ritchie, Michael Jackson en Madonna en deden we terstond ook nog even de Lambada. Maar waren het blijvertjes? Waren de jaren tachtig wel happy genoeg voor een echte revival zoals de jaren zestig en zeventig?

Speciaal voor De Oud-Hagenaar ga ik de aankomende maanden met bekende en wat minder bekende Hagenezen en Hagenaars terug naar die tijd. En dan vooral naar het Haagse uitgaansleven in die jaren. Gingen zij zelf uit? Waren het notoire stappers of was het alleen keurig ergens een glaasje drinken en op tijd weer naar huis? Hoe was het uitgaansleven in Den Haag in die jaren, wat zijn de verschillen met nu, was er veel geweld of was het toch wat gemoedelijker en gezelliger dan tegenwoordig? Uitgaan in Den Haag in de jaren 60, 70 en 80; hoe was dat, en welke tenten bestaan er nog? Ik ben daar zeer benieuwd naar en verwacht hele bijzondere verhalen hierover.

“Dus jij gaat voor De Oud-Hagenaar door de stad lopen met bekende Hagenezen om als een soort van razende reporter hun verhalen te laten opdissen over het Haagse uitgaansleven van weleer? Ik meld me hierbij vrijwillig aan. Een goed begin is het halve werk, toch? Bovendien heb ik heel wat smeuïge stories die ik nog kwijt wil. Morgenmiddag kan ik wel. Het zonnetje schijnt dan ook de hele dag te schijnen, haha. Komt goed uit makker!” Aan het woord was Bensenhaven. De Bens voor intimi. Ik ken hem al jaren, maar weet na al die tijd nog steeds niet of Bensenhaven z’n voor of achternaam is. Volgens mij gewoon één naam. Unieke vent, dat wel. Hip ringbaardje, kek brilletje, paardenstaartje en klein oorringetje in de linker. ‘Pappa is blijven hangen in de sixties’, zong Paul van Vliet eens. Zo’n man dus. En hij kent bijna iedereen in het centrum, en iedereen kent hem. Dat ook nog! Over z’n leeftijd zwijgt hij. Immer. Maar ik schat hem ergens midden zestig. Wanneer je Bensenhaven een grappig of serieus verhaal vertelt dat je onlangs hebt meegemaakt, krijg je, voordat je zelf je eigen verhaal kunt afmaken, een soortgelijk verhaal terug. En dan nog eens tien keer uitvergroot en aangedikt. Bensenhaven heeft alles al eens meegemaakt in het leven, en soms wel meerdere keren. Een levenskunstenaar zoals hij zichzelf noemt, een levensgenieter zoals ik het zelf zie Maar bovenal een aardige vent. Dat dan weer wel. Zolang ik deze levensgenieter al ken, heb ik hem nooit een dag zien werken, nooit een letter zien schrijven of schilderen. Ik heb hem nooit zien sporten of zien optreden. Toch weet hij mij weer iedere keer te vertellen hoe je dit allemaal het beste kunt doen. En dat is toch best knap als je het zo op de keper beschouwt. Ik neem zijn tips dan ook vaak van harte. ‘Bensenhaven is cool’, zouden sommigen zeggen. ‘Bensenhaven knows best’ is zijn eigen credo. Deze man hoeft immers niet meer te werken. Al lang niet meer overigens. In de jaren tachtig eens een flinke erfenis gekregen, en daarnaast ook nog een paar keer een flinke prijs aan de zogenaamde loterijen overgehouden. De hypotheek van zijn knusse hofjeswoning is bovendien ook al lang en breed afgelost. Kortom: mijn oude vriend heeft z’n schaapjes op het droge!

Waar Bensenhaven is, zijn meestal ook vrouwen. En niet de minste. Je zou er jaloers van worden. Hij was ooit vier keer getrouwd en heeft uit al die huwelijken heel wat kinderen overgehouden. Daar hoeft hij niet meer voor te zorgen, want de meesten zijn volwassen en bedruipen zichzelf. Grappig detail is dat er bij de ouders van Bensenhaven (waar ik samen met hem onlangs was) vier ingelijste foto’s van de hele familie hangen (hij komt zelf uit een groot gezin) die elk een tijdspanne van vijf jaar overbruggen. Broers en zussen staan daar netjes op iedere foto weer met dezelfde partners, terwijl er naast hem zelf iedere keer weer een andere schone staat. Want schoon waren en zijn ze, de vrouwen van Bensenhaven. Altijd weer! Maar goed: zijn liefjes blijven gemiddeld twee á drie jaar en daartussendoor zitten soms ook wat stiekeme ‘one night stands’. Hij komt er maar al te vaak mee weg. Zijn laatste verovering dateert van zeer recent: ene Anouk, tevens een goede vriendin van zijn jongste dochter Marlous. Via via hoorde ik dat Marlous er helemaal niet mee zit en het hele gebeuren wel grappig vindt.

Wat is nu de moraal van dit verhaal? Dat veel mannen stiekem wel eens een dagje Bensenhaven zouden willen zijn? Onmogelijk, want er is maar een unieke Bensenhaven. Aan hem kan niemand tippen. Maar toch heb ik tegelijkertijd het gevoel dat er heel wat klonen van de Bens zijn. En of we daar nu blij mee moeten zijn? Morgen gaan we struinen door Den Haag en babbelen we over het Den Haag van de jaren 60, 70 en 80. Over elk decennium heeft mijn grote vriend wel wat te melden. Ik kijk er in ieder geval ontzettend naar uit! Was je trouwens zelf een notoire uitgaander in die jaren en kun je hier wat leuke verhalen over opdissen, dan hoor ik het graag van je.

Frans Limbertie
frans.limbertie@yahoo.com

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann