Een Haags herdenkingsbord

Mijn vrouw Anke en ik zijn al vele jaren verwoede verzamelaars van aardewerk, dat in de vroegere aardewerkfabrieken (Regout/Sphinx, Soc. Céramique, Mosa e.a.) in Maastricht werd vervaardigd. We zijn druk bezig met het schrijven van een boek over aardewerk, waarop een stuk(je) vaderlandse geschiedenis is vereeuwigd.

Zoals het bord, dat gemaakt is ter gelegenheid van het 25-jarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina in 1923 en dat werd uitgebracht door het Comité 1923 te ‘s-Gravenhage. Dat laatste was voor ons, oud-Hagenaars aanleiding om wat dieper op de ontstaansgeschiedenis in te gaan.

Wilhelmina was geliefd bij het volk, en zeker bij de Hagenaars na de tumultueuze demonstratie op 11 november 1918, toen Wilhelmina per koets met Juliana op het Malieveld verscheen en het publiek enthousiast de paarden uitspande om zelf de koets te kunnen trekken (ook daar is een prachtig gedenkbord uit Maastricht van). Initiatiefnemer tot het maken van een gedenkbord was het Haagsch Comité voor de Luisterrijke Viering van de 25-jarige Regering van Hare Majesteit de Koningin (what’s in a name), die als ontwerper G.A.H. van der Stok (1870-1940) aantrok. Hij was tekenaar, graficus, kunstschilder, glazenier en beeldhouwer.

110...

Op de achterzijde van het gedenkbord staat een stempel met de naam Comité 1923 ‘s-Gravenhage rond een cirkel waarin een grote letter S, alsmede een stok staan: Van der Stok dus!

De opdracht voor de productie van het bord werd gegund aan de Société Céramique in Maastricht via een tussenhandel (N.V. Import & Exporthandel van het Cornelis Prince in Den Haag). Op 2 januari 1923 schrijft de Société Céramique aan de Heer J.H. van Mastenbroek, Gentschestraat 46 in Scheveningen:

2

In deze brief staat een akelige rekenfout. Zoals met de hand al is aangegeven is het minimum bedrag voor de ontwerper niet 2,50 gulden, maar 250 gulden!

Het antwoord van het comité volgt acht dagen later. Grappig is te zien, dat het jaartal 1923 nog niet in de typiste-vingers zat.

3

Het bord mocht van het comité dus niet meer dan drie gulden (1,40 euro) in de winkel kosten. Op 8 december 1923, het feest is dan ten einde, bericht de tussenhandel Prince aan het Comité, dat er 3977 borden zijn verkocht en dat het comité derhalve recht heeft op 397,70 gulden. Einde transactie.

4

In Het Geïllustreerd Gemeenteblad had inmiddels als aankondiging een lovend artikel gestaan van de hand van Discipulus Apollinis, pseudoniem voor Tw. H. ten Hoet Parson.

1

Een fraaiere beschrijving van het bord is niet mogelijk! Zijn opmerking dat het ‘verblijdend is dat dit officieele bordje naar het schijnt het eenig officieele dat uitkomt…’ roept wel vragen op. Er verschenen namelijk nog minstens drie andere Maastrichtse borden en twee bekers ter gelegenheid van het feest.

Het bord werd door het comité aan de koningin overhandigd, samen met een album met handtekeningen, een portret van de koningin van de hand van Willy Sluiters, een gedenkplaat, gedenkpenning en een gedenkboek. Merkwaardig is overigens dat geen van de herdenkingsborden 1923 het portret van Wilhelmina draagt. Mogelijk heeft zij daar geen toestemming voor gegeven. Toch bestond er een kopergravure met haar portret. De ons onbekende firma P.G. Vander Grient heeft in 1921 een transfertekening van haar beeltenis laten maken bij de Engelse firma Walton & Co. Kostprijs 1.2.3 pond. Maar welke aardewerkfabriek heeft die plaat gebruikt?

5

W. Meershoek
0348-472857
w.meershoek@hetnet.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann