1e Christelijke Hoogere Burger School in de jaren 1940-1945

Vrijdag 10 mei 1940. Geen school. De bezetter is Nederland binnengevallen. De stuka’s vliegen over Den Haag. Onze jongens vechten op vliegveld Ockenburgh. Pas de 16e mei, als de overgave een feit is, begint de school weer.

De bezettingstijd: wanorde en afbraak. We zijn onze vrijheid kwijt. Zelfs vóór 1940 had de 1e Chr. H.B.S. al te maken met omstandigheden die verband hielden met de oorlog. In 1939 werd namelijk het gebouw van de 2e Chr. H.B.S. in het Bezuidenhout (nu Chr. Lyceum Zandvliet) gevorderd door de Nederlandse Strijdkrachten. De 1e H.B.S. kon hulp bieden. Er werd een speciaal rooster opgesteld waarop de ene school tijdens de ochtenduren les kreeg en de andere school in de middaguren.

Tankgracht met in de cirkel de 1e Chr. H.B.S. (Chr. College De Populier).
Tankgracht met in de cirkel de 1e Chr. H.B.S. (Chr. College De Populier).

Tijdens de bezetting werd het door bepaalde verboden van de bezetter echter steeds moeilijker. Allereerst moesten de ouderavonden worden uitgesteld. Dit in verband met de verduistering. In 1940 kwam ook het bevel van de nieuwe Regeringscommissaris dat er geen bibliotheekboeken meer mochten worden uitgeleend voordat ze ‘gezuiverd’ waren. Ook voor de gewone leerboeken gold hetzelfde bevel.

Oranje Zal Overwinnen
Al snel kregen de leerlingen door dat er een zevental onder hen was die heulde met de bezetter. Het lijkt duidelijk dat licht ontvlambare en Vaderlandslievende leerlingen fel gereageerde op de bezetting en alles wat er mee samenhield. Illegale acties bleven dan ook niet lang uit, uitjouwen, doorprikken van fietsbanden, oranje potloden in je buitenzak van je jas dragen als Prins Bernhard jarig was, je hoefde maar O.Z.O. (Oranje Zal Overwinnen) in de klas te zeggen of er ontstond grote hilariteit. Het verbranden van een hakenkruisvlag achter de school in de Pijnboomstraat was wel het ergste. Het was voor de directeur elke keer weer een uiterst moeilijke opdracht om alles binnen de perken te houden en daarbij te laten zien dat je je toch als Nederlander kan gedragen. Eén keer is een NSB-jongen met een revolver op school gekomen, de directeur er weer achteraan.

Het was duidelijk te merken dat de kolen en voedselvoorraad beneden peil raakte. Huiswerk werd in woonkamers gemaakt, de enige nog beetje warme, maar niet de rustigste plaats in huis. Eind april 1942 werd de school door de bezetter gevorderd. Het oog viel op ons mooie gebouw met de mooie aula. Konden ze goed gebruiken vonden ze. De aula had toen nog een heel mooi orgel en podium en houten lambrisering.

Cypresstraat richting Populierstraat, met nog net te zien het front van de school.
Cypresstraat richting Populierstraat, met nog net te zien het front van de school.

Om te voorkomen dat de aula werd gebruikt, werd samen met de conciërge alle tafels en stoelen uit de lokalen gehaald en opgestapeld in de aula. Gelukkig vertrokken de soldaten weer na enkele weken, achterlatend één grote puinhoop. Deuren waren ingetrapt, orgel vernield, gordijnen als poetslappen gebruikt en schade aan stucwerk door de hele school.

St. Janscollege
Toen alles weer een beetje was hersteld kreeg de school inwoning van het Stokrooslyceum (het gebouw moest worden afgebroken in verband met de aanleg van de tankgracht). Dit duurde totdat de gemeente een ander verblijf had gevonden voor onze gasten.

Kort daarop verkeerde het R.K. St. Janscollege (nu Hofstad Lyceum) in dezelfde omstandigheden. Weer was het de 1e Chr. H.B.S. die de deuren openzette om een andere school te ontvangen.

Brengen van eten aan de bevolking in de Pijnboomstraat achter de school, rechts staat het schoolgebouw.
Brengen van eten aan de bevolking in de Pijnboomstraat achter de school, rechts staat het schoolgebouw.

De bezetter begon in 1942 met de aanleg van de Atlantikwall. Een verdedigingslinie aan de kust met onder andere bunkers, betonnen muren, hekken, landmijnen en een tankgracht. Iedereen ten westen van de H.B.S. moest zijn huis verlaten. Ook de bewoners in het gedeelte tegenover de school aan de Populierstraat en achter de school in de Pijnboomstraat. Aan de andere kant van de Haagse Beek werden huizen afgebroken, onder andere het grote Rode Kruisziekenhuis. Hele wijken gingen plat of waren dus niet meer bereikbaar. ‘Sperrgebiet’. Waagde je je nabij of in dat gebied, dan was je je leven niet zeker.

Conciërgewoning
De school stond op het randje van het Sperrgebiet en mocht op eigen risico doorgaan met lesgeven met alleen het verbod dat in het vervolg de deur aan de Pijnboomstraat gesloten moest blijven. De conciërgewoning moest ook ontruimd worden. Echter, omdat er geen toezicht was en na een paar onverklaarbare inbraken op school, mocht de conciërge terugkeren en de woning weer gebruikt worden.

Elke dag was het weer anders. De leerlingen hadden geen aandacht bij het schoolwerk. Het gedrag van de leerlingen – hoe kan het ook anders – werd steeds minder. Protesten tegen de bezetting bleven komen, waren duidelijk hoorbaar, ook voor de bezetter. Menigmaal moest de directeur op het matje komen en moest hij weer uitleggen wat er nu weer aan de hand was. Door zijn wijsheid en takt lukte het hem elke keer weer de zaak uit te leggen.

Spoorwegstaking
1944 was het jaar van de grootste problemen. Geregeld werden er fietsen in beslag genomen. Leerlingen konden dus niet meer naar school. Ook ontstonden er problemen met het openbaar vervoer. Docenten uit andere plaatsen konden niet meer naar school komen. Daar kwam ook nog de spoorwegstaking bij. Na oktober 1944 reden er ’s middags geen trams meer dat hield in dat de school zich genoodzaakt zag de lestijd te beperken tot vier dagen per week ’s morgens vier uur les.

Arbeidsdienst
Voor jongens van 18 jaar of ouder was het veel te gevaarlijk om over straat te lopen zonder te worden opgepakt voor de Arbeidsdienst, zodat ze over de grens bij de bezetter tewerkgesteld konden worden. Ook gebeurde het dat een docent ’s avond bij de directeur thuis aanbelde en vertelde dat hij de volgende dag, en daarna, niet meer op school zou komen. Hij vertelde ‘de baas’ dat hij moest onderduiken, omdat hij samen met anderen van het verzet 200 revolvers uit een politiebureau had gestolen.

Extreme onderwijslast
Veel geheimen werden ‘de baas’ verteld. Naast de extreme onderwijslast ook de extreme personele last. Wel werd er op gezette tijden naar de Engelse radio geluisterd, zodat de berichten van de vorderingen van de geallieerde troepen gevolgd konden worden. De radio ergens ver weg verstopt waar ‘niemand’ hem kon vinden.

Luchtfoto vliegveld Ockenburg.
Luchtfoto vliegveld Ockenburg.

Op een gegeven moment reden er geen trams meer, niemand had nog een fiets, eten en kolen waren schaars. De Hongerwinter breekt aan.

Een enkele les werd nog thuis gegeven. Zodra het klimaat het toeliet, begon de school weer met een gedeelte van de leerlingen. De stakkers waren bleek, uitgehongerd en hadden versleten kleding.
5 mei 1945. Bevrijding! Een feest wat je met geen enkel ander feest kan vergelijken.

Orde op zake stellen. De school moet weer school worden. Intussen komen berichten binnen van bestuursleden, docenten en leerlingen die de oorlog niet hebben overleefd.

Aan Hen Die Vielen
Naast de feestvreugde geeft dat heel veel verdriet. Besloten wordt om een gedenkraam te laten maken – Aan Hen Die Vielen. Daarop de namen van diegene die zijn omgekomen. Het gedenkraam hangt rechts in de beneden gang naast de deur van lokaal 004 (in de oude nummering; lokaal 26).

Toen 24 mei 1945 de school weer normaal begon, bleken van de 520 leerlingen er 370 aanwezig te zijn.

Jan van der Burgh
jvburgh@depopulier.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann