De Haagse politiejeep: bijna verdwenen sentiment, maar nog altijd inzetbaar

Dit is de voorzijde van het boekje (linksonder op deze pagina), dat binnenkort op de markt verschijnt van de hand van Hans van Wingerden en Jan Hoogendoorn. Twee Hagenaars, die zich in alle opzichten hebben verdiept in het onderwerp. De eerste als betrokken ex-politieman, de tweede als bovenmatig geïnteresseerde. Jan Hoogendoorn baseert zijn bovenmatige belangstelling voor het vierwielig fenomeen op zijn eigen jeugdherinneringen. Hij woonde tegenover de Duinstraat, waar het politiebureau gevestigd was. “Als jongetje van tien zie je heel wat verschillende types voorbij gaan. Ik denk vooral aan de jeep met het bakje achterin voor de honden.” Ikzelf baseer mijn herinneringen aan de politiejeep vooral aan de foto’s van vele charges tijdens relletjes en niet te vergeten de jaarlijkse jacht op kerstbomenjagers.

We spreken af, dat we niet alle types jeeps zullen doornemen, die in de loop van de zeventig jaar in gebruik zijn geweest bij de Haagse politie. Er moet tenslotte ook nog wat te lezen zijn en het boekje, zo kan ik u verzekeren, is zeer de moeite waard. Alle historische feiten en veel technische details komen aan de orde.

Waar komt de jeep als vervoermiddel voor de politie eigenlijk vandaan? Is het ergens bedacht achter een bureau, was er een latente behoefte aan de jeep? Nee, de verklaring is aanmerkelijk simpeler: de jeep was gewoon beschikbaar. In grote getale zelfs. Enerzijds was er bij de politiekorpsen na de oorlog grote schaarste, het meeste materiaal was in de oorlog door de bezetter in beslag genomen. Bij de Haagse politie waren een paar motoren met zijspan het hoofdbestanddeel van het ‘rollende wagenpark’.

Sieberg

Er was dus eigenlijk niets, terwijl het Ministerie van Binnenlandse Zaken de korpsleiding(en) attendeerde op het bestaan van legerdumps in Frankrijk. Dumps, die ontstaan waren nadat bevrijdingslegers zich hadden teruggetrokken en veel materiaal als afgeschreven wilden beschouwen. Importeur Sieberg kocht hele kavels op, niet alleen ten behoeve van de politie, maar ook voor andere ministeries (zoals Defensie en Landbouw) en zorgde ervoor, dat het materiaal in Nederland kwam en werd geïnspecteerd en gemodificeerd waar dat maar nodig was.
De marine zorgde voor een deel van het transport. Voor een efficiënte coördinatie werd in Frankrijk het Office Commercial Neerlandais ingesteld. De eerste jeep voor de Haagse politie werd in 1946 in ontvangst genomen door de toenmalige hoofdcommissaris Valken, samen met inspecteur verkeerspolitie Paul, voor het hoofdcommissariaat aan de Laan Copes van Cattenburgh.

In datzelfde jaar kwamen drie jeeps van Canadese origine beschikbaar voor de Haagse Hermandad. De allereerste zending jeeps werd overigens voorbestemd voor de rijkspolitie. Maar voertuigen werden daarna niet alleen door de importeur exclusief naar Nederland getransporteerd, maar ook door agenten rechtstreeks opgehaald en te bestemder plaatse gebracht. “Het werd in die gevallen ook meteen een racebaan op de internationale wegen”, zegt Hans van Wingerden met veel begrip voor en kennis van zijn oud-collega’s.

De jeeps werden overigens aanvankelijk van een donkerblauwe Sikkenverflaag voorzien. Die kleur was, merkwaardig genoeg, nog afkomstig uit een voorschrift uit 1943 van de Duitsers, die in de oorlog wilden voorkomen, dat politievoertuigen een makkelijk doelwit zouden vormen bij eventuele luchtaanvallen. In de eerste maanden van de inzet bij het Haagse Politiekorps werd de jeep uitsluitend gebruikt voor assistentieverlening.

haagespolitiejeep

Geleidelijk aan werd de jeep op diverse ‘takken van sport’ ingezet en de accenten veranderden in de loop der jaren. Aanvankelijk alleen als surveillancevoertuig, waarbij elk politiebureau 4 jeeps tot zijn beschikking had. Dat was in 1972 al afgebouwd tot één, nadat alternatieven (Volkswagenbusjes en Willy’s wagons) hun intrede hadden gedaan.

Van surveillance ontwikkelde de inzet van de jeep zich steeds meer tot inzet bij relletjes. Zien en gezien worden waren belangrijke voordelen van de inzet van de jeep: de meerijdende agenten konden door het open karakter de schermutselingen (door het politiemanagement in die tijden ‘woelingen’ genoemd) beter overzien en een jeep schrok ook de relschoppers af door de dreiging die ervan uitging en de relatief hoge wendbaarheid. Er ging hoe dan ook van de jeep een grote dreiging uit, zeker als die dingen ook nog eens in volle vaart de stoep op reden!

Overigens kende de Haagse politie al voor de oorlog een zogenoemde Stormbrigade, die na de oorlog terugkwam onder de naam Assistentiebrigade. Later, in 1970, ontstond hieruit de Mobiele Eenheid. Bereden Brigade Inmiddels worden de jeeps, die het Haagse politiekorps nog in beheer heeft, uitsluitend ingezet ten behoeve van ME-optredens. Ten behoeve van de recente rellen in de Schilderswijk werden er vier weer afgestoft en ingezet. Ze blijven voorlopig nog beschikbaar voor landelijke ME-optredens nu de afzonderlijke politiekorpsen in een nationaal korps worden geïntegreerd.

Maar er was nog een andere min of meer spectaculaire functie van de jeep: de strandjeep, die onderdeel was van de zogenoemde Bereden Brigade (politie te paard eigenlijk) en die voor het eerst zijn intrede deed in 1949. Het idee van de strandjeep was afkomstig van agent Cor Dijkema. In 1958 kreeg het zogenoemde Stranddetachement een Willy’s CJ-3A strandjeep op proef, een oud beestje met oproepnummer HP 35 en kenteken SX-25-04. De proef slaagde en er kwamen het jaar daarna drie jeeps beschikbaar langs de twaalf kilometer lange (Haagse) kustlijn.

De politiegarage voorzag de jeeps van kastjes met redlijnen op de voorbumper, een brancard, een ambuballon met zuurstoftankje, twee zwemvesten, een grote EHBO-koffer en een luidspreker om overmoedige zwemmers terug te roepen en het publiek te waarschuwen voor eventuele mui-stromen. Inmiddels lopen de laatste typen jeep (Wrangler TJ.) al weer zo’n twaalf jaar mee, ze hebben ook buiten de regio de nodige actie meegemaakt. Technisch gezien zouden deze jeeps nog wel even mee kunnen, maar de Nationale Politie wil meer eenduidigheid en dus minder diversiteit in het voertuigenpark en heeft al aangegeven, dat voortzetting van deze Haagse traditie niet aan de orde zal zijn. Het is dus helemaal niet ondenkbaar, dat de laatste jeeps het korps binnenkort gaan verlaten en aan de hoogste bieder gegund worden.

Wie echt alles wil weten van de Haagse politiejeep zal zich moeten verdiepen in het boekje van Hans van Wingerden en Jan Hoogendoorn. Bestellen kan bij hen rechtstreeks

Hans van Wingerden (hawi@ziggo.nl) en Jan Hoogendoorn (jw.hoogendoorn@planet.nl). Ton van Rijswijk avanrijswijk@kpnmail.nl

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestPrint this pageEmail this to someone

Reageren

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann